Zelfonderzoek: Ik zou zo graag in het hier en nu willen leven, maar ik leef van de ene stip op de horizon naar de volgende stip.

Ik ontmoet een vrouw in de praktijk. Voor het gemak noem ik haar Silvia. Er ontstaat een uitwisseling. Silvia geeft aan dat ze in haar leven steeds de neiging heeft om 20 stappen verder te zijn dan waar ze nu is.
Ze vindt het moeilijk om in het hier en nu te leven. Ze leeft eigenlijk van de ene stip op de horizon naar de volgende stip op de horizon. En dit speelt zich niet alleen af op het gebied van haar werk (the next step op de carrièreladder), maar ook met betrekking tot relaties.
Ze zegt: ‘Ik kan het gewoonweg niet stoppen…, ik ben alsmaar bezig met de volgende stap, ik maak voortdurend plaatjes in mijn hoofd over mijn werk en over een nieuwe relatie, die enige tijd geleden is gestart. Mijn coachingsvraag is hoe ik in het hier en nu kan zijn.’

Ik nodig haar uit om wat meer te delen. Ze vertelt over een nieuwe relatie. Ze ontmoette hem en vanaf de start gingen ze meteen de diepte in: een totaal nieuwe ervaring voor haar. Ze geeft aan dat ze hem dichterbij wil laten komen, maar dat ze er ook bang voor is. Net als hij. Hij heeft haar laten weten dat hij moeite heeft met binding door een eerdere verstikkende relatie in zijn leven.

Op enig moment nodigt ze hem gekscherend uit om met haar familie mee te gaan op familieweekend. Ze weet van tevoren al het antwoord dat hij zal geven van waaruit ze zegt: ‘Ik vraag je niet mee, maar ik deel wel met je dat mijn broer grapte dat het moment daar is om eens kennis met elkaar te maken: misschien wil je vriend wel mee met het weekend?’
De uitnodiging van de broer van Silvia triggert direct een gevoel van verstikking bij de vriend van Silvia: er ontstaat spanning op zijn keel, hij voelt zich onder druk gezet.
‘Je hoeft echt niet mee hoor, zegt Silvia tegen hem, ik vraag je toch ook niet mee…, ik deel gewoon even wat mijn broer zei.’

Na deze ontmoeting merkt ze op dat de plaatjesmachine gaat draaien. Allerlei gedachten spoken door haar hoofd waardoor er twijfel in haar opkomt of ze wel met deze man verder moet gaan: ‘Zit er wel een toekomst in? Niet alleen houdt hij de boot af, ik ook.’

Ik vraag aan Silvia wat zoal haar plaatjes (gedachten) zijn: breng ze eens allemaal aan/in het licht, wat spookt er zoal door je heen?

‘Nou, zegt Silvia, allereerst gaat er door me heen of ik hier wel mee door moet gaan, ik stel me dan voor wat deze bindingsangst betekent voor onze relatie in de nabije toekomst… en dan ontstaat er twijfel.’ Dan denk ik: ‘Jeetje, deze man is wel heel erg beschadigd…, en ik wil ook niet zijn therapeut zijn…, maar we hebben wel diepe uitwisselingen, dat is heel fijn…, en het komt me ook wel goed uit dat hij een vorm van bindingsangst heeft…, dan hoef ik zelf ook niet over de brug te komen…, en …als ik heel eerlijk ben…, voelt het wel veilig dat hij afstand houdt, dan kan het ook niet fout gaan…, want er leeft een sterke gedachte in mij dat het toch wel weer fout zal gaan.’
Ze vervolgt: ‘Ja, ik zie die denkmachine aan gaan…, ik zie dat ik weer volledig wordt opgeslorpt door al die plaatjes, al die gedachten, maar ik kan het niet laten, dat hoofd gaat gewoon door. Ik zou zo graag in het hier en nu willen leven. Eigenlijk maak ik zelf kapot wat er nu is (mooie uitwisselingen) door steeds maar in gedachten vooruit te lopen op de nabije toekomst.’

‘Ja, zeg ik, ik voel je energie…, het ontbreekt aan vertrouwen…
Ik voel dat je houvast wil, zekerheid, duidelijkheid…, en die is er niet doordat de situatie zo is zoals die is. En daarnaast…, het leven zelf is van nature ook onzeker: je weet niet wat het volgende moment brengt, dus er is geen antwoord mogelijk.’

Het resoneert: er is geen vertrouwen. Ze barst in huilen uit: ‘Als ik nu ga vertrouwen, ben ik zo bang om de deksel op mijn neus te krijgen.’
Ze huilt. Ik geef haar de tijd om haar verdriet te voelen.

Na enige tijd vraag ik aan haar wat ze bedoelt als ze zegt dat ze zo bang is om de deksel op haar neus te krijgen.
‘Dat ik gekwetst kan worden’, zegt Silvia.
Hoe ziet dat er dan uit? Waar ben je bang voor?
‘Ik ben bang dat hij de stekker eruit trekt.’
Van waaruit zou hij de stekker eruit trekken, in jouw beleving?
‘Nou, dat hij mij niet goed genoeg vindt, dat ik zijn liefde niet waard ben.’
En dan? Waar ben je dan bang voor?
‘Dat ik alleen achter blijf.’
‘Ja, dat is wat ik voel’, zeg ik. ‘Je hebt op enig moment je hart afgesloten, net als hij, je bent zo bang om gekwetst te worden…’

Ik voel dat je wordt geleid door een overtuiging en die overtuiging lijkt te zijn: liefde zit er niet in voor mij, niemand die mij echt wil, ik blijf alleen achter.

Deze opmerking triggert een stortvloed van verdriet. Ik voel compassie voor haar en nodig haar uit om de oude pijn ten volle toe te laten.

Na enige tijd vraag ik: ‘Heb je door dat dit kindpijn is? Het lijkt erop dat je in je kindertijd de boodschap van je ouders hebt opgepikt dat ze niet echt van je hielden, wat jij hebt vertaald naar: ik ben niet goed genoeg, ik ben het niet waard om van te houden.’

Wederom barst ze in huilen uit. Ze zegt: ‘Het resoneert 100%. Ik heb als kind soms wel eens gedacht dat ik geadopteerd was, ondanks mijn geboortefoto’s als bewijs.’
Blijf bij je verdriet, zeg ik,  voel waar het zich bevindt in je lichaam, breng al je aandacht naar deze pijn en laat het smelten, ga niet naar je hoofd, naar verhalen.

Na de nodige schokken van intens verdriet wordt het weer rustig in Silvia.
‘Ja, zeg ik, dit is de pijn die je al een heel leven bij je draagt. En waar vanuit je handelt. Deze pijn heeft nog nooit volledig het licht gezien. En het bestaan is je heel genadig, door deze man op je pad te brengen, waardoor jou de mogelijkheid wordt aangereikt om de pijn, van het kind dat je was, te laten smelten.

Deze pijn maakt dat je steeds een toevlucht neemt naar je hoofd: er is geen vertrouwen. Op enig moment in je leven ben je je gaan afsluiten: je verlangt naar intimiteit en openheid, dat is je hart. Ieders hart verlangt naar verbinding, naar nabijheid en contact, maar de pijn van niet geliefd zijn, zit er nog voor.’

Ik ga nu weer even terug naar de vraag waarmee je binnen kwam: ‘Hoe kan ik in het hier en nu zijn?’
Er zijn meerdere wegen. Allereerst: laat deze pijn smelten, die vandaag inzichtelijk is geworden. Iedere keer wanneer angst en twijfel wordt getriggerd en een dwangmatige neiging opkomt om plaatjes te maken over deze relatie, keer naar binnen en voel de pijn die schuil gaat onder de plaatjes: alles is onzeker (dat klopt: het leven is onzeker), ik weet niet wat ik moet doen (dat kan jij ook niet weten, de stroom van het leven is niet voorspelbaar), moet ik hier wel mee door gaan (dat wijst zich vanzelf uit), ik ben zo bang dat het fout gaat, dat er niemand is die van me houdt, dat ik alleen achter blijf (de pijn van het kind en existentiële pijn: en diep gevoel van eenzaamheid).

Wanneer je de pijn tot op de wortel hebt gevoeld, dan verdampt deze.
Dan  kan de neiging tot het maken van plaatjes nog wel getriggerd worden, maar je wordt niet langer meer gegijzeld door de mind, het is dan mogelijk om aanwezig te zijn bij de plaatjesmachine: je ziet wat er plaats vindt in jou zonder dat je daar in opgaat. Het Zelf (Bewust Zijn) kijkt naar het zelf (de mind). Je ziet het verhaal wat zich afspeelt in je hoofd. En kijk dan totaal: bekijk alles wat door de mind ten tonele wordt gevoerd, van het begin tot het eind…, wees aanwezig…, de hele film rolt zich uit, terwijl je ernaar kijkt…, je realiserende dat jij niet het verhaal bent, maar de lamp van gewaar zijn, die het verhaal beziet. Door volledig bewust de capriolen van de mind te aanschouwen, breng je alles aan en in het licht van gewaar zijn. Het patroon wordt helemaal doorgelicht, doorzien en op het bepaald moment dooft die uit.

Betreft het een nieuwe situatie die jou triggert, een situatie die je niet los kunt laten (het blijft aan je trekken, je blijft ermee bezig): kijk, neem waar wat er gebeurt, wat je zegt, doet… en onderzoek op een rustig moment wat er wordt geraakt, welke overtuigingen (plaatjes) er zijn aangetikt in jou. Hou je niet bezig met de ander, met wat de ander fout deed. Hou je ook niet bezig met wat jij al dan niet goed hebt gedaan: dat is geen zelfonderzoek, dat is de mind, die de ander schuldig wil verklaren en/of jezelf. Ga niet naar psychologische analyse en verklaringen.
Breng eenvoudig alles aan het licht, dat is zelfonderzoek: de lamp van Bewust Zijn die alles in het licht zet wat er leeft in jou aan overtuigingen en angsten tot je uitkomt bij de pit: het pijnpunt (zie vorige blog). Soms is het doorzien van de trigger al genoeg om de realiteit weer te zien zoals die is, soms is er meer werk nodig: het voelen van de oorspronkelijke pijn zoals dit vandaag plaats vond in jou.
Hoe voelt die pijn? De pijn van niet geliefd zijn, de pijn van eenzaamheid. Ga niet naar verklaringen en verhalen over je jeugd. Ga naar de pijn die schuil gaat achter de gedachte dat je vaak het gevoel hebt gehad dat je geadopteerd was: niemand die van me houdt, eenzaamheid. Laat die pijn smelten. En dan opent jouw hart zich en is het mogelijk om werkelijk een intieme relatie aan te gaan.

En besef de doorwerking van jouw proces op je partner: alles wat jij opschoont, heeft een helende uitwerking op hem en op een ieder waarmee jij je verbindt. Is dat niet geweldig?

Een andere weg om uit het hoofd te geraken, is: aanwezig zijn in het hier en nu. En ik zie/voel dat de lamp van gewaarzijn niet meer totaal versluierd raakt door de identificatie met de mind: je ziet, je merkt op dat je steeds een toevlucht neemt naar je hoofd, naar verklaringen, naar twijfels, wantrouwen. Veroordeel deze neiging niet, het is niet persoonlijk, het is collectief, we zijn allemaal in dit veld van angst en tekort groot gebracht. En het is al heel wat dat je de neiging ziet. De meerderheid van de mensheid heeft niet door dat ze continu vanuit dit veld, vanuit de mind leven: in het verleden of in de toekomst, maar niet hier en nu. Ze zijn volledig geïdentificeerd met de mind, met hun gedachten en emoties, die het ik zich toe eigent (mijn verhaal). En verandering begint met zien, met gewaarzijn. Dus geweldig dat je de neiging ziet. De oefening die ik je wil mee geven, is: keer terug naar het hier en nu. Iedere keer als je weer opmerkt dat je in je hoofd zit, breng de aandacht naar dit moment. Dit is niet eenvoudig, omdat het een diep ingesleten groef is: het hoofd als overlevingsstrategie om kwetsing te voorkomen. Grip willen op een situatie (relatie) om mogelijke teleurstelling en pijn voor te zijn. Duidelijkheid en zekerheid willen daar waar geen duidelijkheid en zekerheid te geven is: want het leven is onzeker en open, dus niet voorspelbaar.

En dat doet me denken aan Nisargadatta, een spiritueel leraar die in 1981 overleed. Ken je die? Nee. Hij is tot verlichting gekomen door een eenvoudige instructie van zijn meester consequent toe te passen. Iedere keer dat er sprake was van identificatie met de mind (ik ben de wereld, deze persoonlijkheid, het lichaam, mijn geloof, cultuur etc.) bracht hij de aandacht weer terug naar het oorspronkelijke principe, naar het ‘zijnde’ principe, het ‘I am’. Naar dat wat is…, voorbij de mind…, voorbij alle aannames en overtuigingen die door het ik worden geclaimd (ik ben zus en zo). Als dat van ons afvalt…, de identificatie met de mind…, wat blijft er dan over? Dat wat is: I am. En na I am… is het stil, geen invulling, geen houvast: openheid, geen identificatie met wat dan ook, dat is Leven.

I am…, meer valt er niet te zeggen. Iedere keer dat de neiging er is om in een verhaal op te gaan, een verhaal over jezelf of over de ander, een verhaal over het verleden of over de toekomst: keer terug naar I am, naar Beingness, naar gewoon Zijn.

Hiermee eindigen we de sessie. Ze is mij enorm dankbaar. ‘Hoe is het mogelijk dat we in zo’n korte tijd tot de kern kwamen’, zegt ze. Ja…, soms gaat het zo…, je bent een rijpe appel.

I Am – Nisargadatta

Noot: de blog bevat een uitgebreide reactie op de vraag van de cliënt hoe in het hier en nu te leven. In werkelijkheid gaf ik tijdens het consult twee handreikingen: als je in het denken zit, in een verhaal, maak je daarvan los door je aandacht terug te brengen naar het hier en nu, daarnaast vertelde ik over Nisargadatta: I Am.
De uitgebreide reactie  – vanuit gewaarzijn een patroon volgen -, ontstond tijdens het schrijfproces.

www.bewustzijnscoaching.com
Facebook: Caroline Ootes, Ontwaken, Bewustzijnscoaching.

 

 

Socrates: een niet onderzocht leven, is het niet waard geleefd te worden

 

Het alziende oog van Horus.

Vandaag gingen de woorden ‘Ken Uzelve’ door me heen.

‘Ken Uzelve’, prijkte boven de tempel van Apollo, de tempel waar de Grieken het Orakel van Delphi raadpleegden. Veel klassieke Griekse filosofen, zoals Socrates, waren overtuigd van het idee dat ware kennis over het leven start door intensief zelfonderzoek. Sterker nog…, volgens Socrates is een niet onderzocht leven het niet waard geleefd te worden. Voor de duidelijkheid: Socrates zegt daarmee niet dat een niet onderzocht leven niets waard is.

Ik herken deze uitspraak van Socrates. Een niet onderzocht leven is geen Leven…, het is een leven wat mechanisch verloopt, volgens aangeleerde patronen, die we als kind ontwikkelen. Voorbeeld: jij vervult altijd de rol van bemiddelaar (als volwassene), omdat je als kind het zo naar vond dat je ouders met enige regelmaat flinke ruzie hadden. Gevolg: zodra er onenigheid is in een gezelschap of in de relatie, word mechanisch het patroon in werking gezet, je gaat bemiddelen, of je dat nou wil of niet wil, je wordt overgenomen door het patroon, want het laatste wat je wil is ‘herrie in de tent’.
Herrie in de tent triggert een gevoel van onveiligheid, de onveiligheid die je als kind ervaarde van waaruit je tussen je ouders in ging staan. Je handelt dus ‘onbewust’.

Eigenlijk mag er, volgens jouw aangeleerde programma, waar jij geen zeggenschap over hebt, omdat dit programma nog onbewust in jou is, geen onenigheid zijn. Onenigheid of ruzie, wat op zijn tijd een gegeven is in een mensenleven, betekent voor jou: onveiligheid.

Een ander patroon kan zijn: afleiden. Je komt bijvoorbeeld uit een gezin waar niet werd gesproken over emoties of lastige situaties, omdat de ouders zelf niet hebben geleerd hoe zij met emoties om kunnen gaan. Het voorbeeld wat je als kind hebt gezien: zodra er emoties of kwetsbaarheid in het spel is, word je afgeleid. Gevolg: als volwassene herhaal je, totaal onbewust, automatisch, dit patroon wanneer er in een gesprek met je kind, partner of vrienden sprake is van gevoeligheden. Nog een gevolg: je begrijpt maar niet waarom je je zo leeg voelt…, afgesneden als je bent van je eigen emoties en kwetsbaarheden…, je weet je geen raad met de geraaktheden van anderen. Je voelt je met enige regelmaat alleen, je ervaart geen verbinding, contact, vriendschap, zonder dat je in de gaten hebt dat dit wordt veroorzaakt door dit patroon.

Iedereen, niemand uitgezonderd, kent pijnlijke ervaringen waarvan de pijn nog nooit ten volle het licht heeft gezien (bijvoorbeeld de pijn van eenzaamheid), maar deze pijn stuurt wel ons gedrag, zonder dat we het weten. Tenzij… ‘bewust zijn’ in ons op staat.

Naast aangeleerde patronen (sussen, je best doen, afleiding, aardig gevonden willen worden etc.), leren we ook van jongs af aan wat goed en fout is.
Zo leven er heel veel ‘plaatjes’ in ons, die we over de realiteit heen leggen.
Voorbeeld: luieren en niets doen is fout, van werken gaat niemand dood. Wederom laten we ons leiden door deze ‘plaatjes’, die automatisch worden geactiveerd wanneer een situatie in het heden daarmee overeen stemt: je zoon of dochter, die met enige regelmaat tijd en ruimte neemt om te ontspannen en te relaxen, wordt aangespoord om aan het werk te gaan, je geeft hem of haar een opdracht voor een huishoudelijke taak of laat hem/haar weten dat er huiswerk gemaakt moet worden: luieren mag niet.
De realiteit is: een dochter of zoon die zich ontspant. Die realiteit is dus neutraal, maar niet voor jou, omdat jij het plaatje hebt mee gekregen dat op je lauweren rusten fout is. Dit is dan één voorbeeld, maar ik kan je vertellen, door jaren van zelfonderzoek, dat er vele plaatjes en overtuigingen in ons leven, vanuit de mind, die ons gedrag stuurt, zonder dat we daar wat over te vertellen hebben…, tenzij we wakker worden, bewust worden.

Of we het nu leuk vinden of niet: we worden geleefd door al die plaatjes, ouderlijke stemmen en overtuigingen, die we ons niet bewust zijn.
Onwetendheid en oude pijn bepalen ons gedrag.

Oké, intensief zelfonderzoek lijkt dus noodzakelijk te zijn om wakker te worden uit de staat van onwetendheid, ook wel de droomstaat genoemd. Ja, dat beaam ik. En daar is ‘Bewust Zijn’ voor nodig, ‘Gewaar Zijn’.

Een eerste stap is dat we het patroon zien.
Maar wat bedoel je met zien?

Kijk je vanuit de mind?
Of kijk je vanuit Gewaar Zijn c.q. Bewustzijn?

Als we kijken vanuit de mind, dan vinden we er wat van: wat we zien veroordelen we.
Je ziet bijvoorbeeld dat er een oordeel voorbij komt en direct wordt er een gedachte geactiveerd: ik mag niet oordelen. Dit is niet het zien wat ons uit ons lijden zal bevrijden.

Het gaat over zien vanuit Bewust Zijn, dan wordt er waar genomen zonder oordeel.
En dat is een wezenlijke ontwikkeling: de sprong van het zien vanuit de mind (die afkeurt wat wordt gezien) naar waarnemen vanuit de Bron, die helder, liefdevol en neutraal is (onze Boeddha natuur).

Hoe kijk jij? Met welk oog bezie jij je gedrag en handelen?
Onderzoek dat eens door de dag heen. Kijk je vanuit de mind? Of is er een zien vanuit neutraliteit, een zacht, liefdevol aanschouwen van wat er plaats vindt in jou?

En wat zie je dan?
Zie je de patronen en overtuigingen in jou die je gedrag sturen?
Zie je welke diepere pijn er wordt geraakt, die je niet wil voelen?
De pijn die schuil gaat achter irritatie, oordelen, afleiding, je best doen, schuld, schaamte, niet goed genoeg zijn, angst?

Laat de oude pijn smelten, maak contact met deze pijn die je al zo lang bij je draagt:
de pijn van niet geliefd zijn, de pijn van eenzaamheid en afwijzing, de pijn van leegte, gemis, de pijn van niet welkom zijn, de pijn van hulpeloosheid en onmacht, de pijn van niet begrepen en gehoord zijn, van onveiligheid en niet gesteund zijn, de pijn van onderdrukking, van geen stem hebben.
The way out, is the way in.

Zelfonderzoek kent een voorwaarde.
Wat zou deze voorwaarde zijn? Enig idee?
Wat is essentieel om de vruchten van zelfonderzoek te kunnen plukken?

Mijn antwoord: een diep besef dat jij de enige bent, die verantwoordelijk is voor jouw pijn.

En dat vinden we nog niet zo gemakkelijk, omdat we allemaal vermijders zijn…, vermijders van pijn. En om die pijn of kwetsing niet te hoeven voelen, wijzen we naar buiten, naar de ander, de anderen zijn de oorzaak van mijn pijn. En deze overtuiging is heel hardnekkig: ik voel me zo en dat komt door jou of jullie.

Nee, dat komt niet door de ander(en), de ander triggert slechts de pijn, die al in jou aanwezig is. Als die pijn niet in jou aanwezig is, zou er überhaupt geen pijn gevoeld worden, je zou het gemopper van je partner, als je hem vraagt de tv uit te zetten, niet als pijnlijk ervaren, omdat de bodem daarvoor in jou ontbreekt. Jij kan alleen maar geraakt worden als er een haakje in jou is van eerdere pijn, die overeen lijkt te komen met dat wat jij meent waar te nemen bij de ander(en): zie je wel, mijn partner vindt mij niet belangrijk, hij heeft geen aandacht voor mij, wel voor die tv (mobiele telefoon, andere mensen etc.)

Als je geraakt wordt, neem verantwoordelijkheid voor dat wat zich afspeelt in jou.

En laat de pijn van het kind dat je was, smelten.

En de beloning van zelfonderzoek is: innerlijke bevrijding, onvoorwaardelijke liefde, lijden dat ophoudt te bestaan, een schone lens, leegte (er zit niets meer tussen jou en de realiteit: je ziet de dingen zoals ze zijn)

Een rijke beloning, die ons echter niet zomaar in de schoot wordt geworpen. Het vraagt een totale inzet en dan op een dag… vindt de verschuiving plaats… en ben je niet langer een slaaf van de mind. Er komt steeds meer zicht, helder zicht, de identificatie met de pijnlijke emoties en overtuigingen dooft langzaamaan (of ineens), naarmate het Bewustzijn zich verdiept, uit.

Als je je aangesproken voelt door deze weg, de weg van zelfonderzoek, weet dat je welkom bent voor wat begeleiding en ondersteuning.

Een onderzocht leven is het waard geleefd te worden.

Voor aanvullende informatie: lees de blogs ”, ‘zelfonderzoek in relaties’, ‘zelfonderzoek: alles in mijn leven is moeten’ en de blog ‘overtuigingen transformeren, de directe weg’.

www.bewustzijnscoaching.com
Facebook: Caroline Ootes, Ontwaken, Bewustzijnscoaching

Niets is zeker. Leer dat lief te hebben.

 

als-niets-zeker-isd28601503fc40bc4eda1dd7277979c82

We (mijn partner en onze dochter) zijn op vakantie in een ander land, een land waar we nog niet eerder zijn geweest. Op enig moment laat onze dochter ontvallen dat ze haar zus mist, die vorig jaar rond deze tijd is overleden. Ze geeft aan dat ze tijdens andere vakanties met het gezin gewend was om in de avond samen met haar op pad te gaan, dat gaat nu niet meer. Ze is verdrietig.

Later laat ze weten dat ze zin heeft om leeftijdsgenoten te ontmoeten om samen te chillen. Ze plaatst een bericht op tinder friends en niet veel later ontvangt ze een berichtje van een jongeman van haar leeftijd, die op 17 km afstand van ons adres in een vakantiehuis, samen met twee andere mannen verblijft; ze laat een foto zien van de jongeman, die aangeeft dat ze een riant vakantiehuis hebben gehuurd, wat zich op een afgelegen plek bevindt.

We bevinden ons op dat moment aan zee. Mijn partner ligt enkele meters verderop, hij heeft de schaduw opgezocht en luistert op een afstandje mee naar het gesprek wat zich tussen mijn dochter en mij ontvouwt. Ze heeft zin in een avontuur, zegt ze. Ze vraagt zich af hoe ze daar komt en hoe ze ’s nachts weer thuis komt.

Gaande het gesprek staat mijn partner op en loopt naar ons toe. Hij laat duidelijk blijken dat hij niet wil dat ze gaat: een onbekend land, 17 km afstand van ons adres, afgelegen huis, 3 mannen die ze niet kent…,waar is dat allemaal voor nodig… het is onze laatste avond…, samen uit, samen thuis… is zijn motto.

Aan alles voel ik dat zijn reactie voort komt uit angst. Zo bang om nog een dochter te verliezen…, hij voelt dat hij geen enkele controle heeft over de situatie…

Tja, hoe ga je om met een dergelijke situatie als je dochter een volwassen vrouw is van 26 jaar en je partner duidelijk te kennen geeft dat hij dit uitstapje van zijn dochter niet ziet zitten?

Dochterlief is even van slag van de reactie van haar vader. Haar vader gaat de zee in. Ze hervat het gesprek met mij. Wat vind jij ervan? Wat zal ik doen? Geen idee, zeg ik. Wat gaat er nu allemaal door jou heen? Nou, ik wil pappa niet teleurstellen, en het is natuurlijk ook leuk om samen af te sluiten met een etentje en ik begrijp ook wel dat hij bang is, maar ja, ik ben 26 jaar… en ik voel ook een druk als pappa dit zegt…, dat ik niet kan doen wat ik zelf wil…, ik hou nou eenmaal van wat avontuur…

Oké, en wat leeft er nog meer in je? Nou, ik vind het leuk, ik heb er zin in, mensen ontmoeten en lekker chillen met elkaar, maar ja, het vervoer is nog een probleem: hoe kom ik daar en hoe kom ik weer thuis? Wat zal ik nou doen?

Doe wat klopt voor jou, zeg ik, ook als het niet klopt voor je vader. Jij bent niet verantwoordelijk voor zijn gevoelens, of dat nou angst is… of teleurstelling vanuit een verwachting die hij heeft over de laatste avond. En je vader heeft natuurlijk alle recht om zich te uiten, om zijn behoefte uit te spreken en zijn angst te tonen, maar dat betekent niet dat jij je daarnaar dient te voegen. De druk die je ervaart wordt niet veroorzaakt door je vader, die druk leeft in jou, het is de druk van de aanpassing, die in ieder van ons leeft, het is niet eenvoudig om je-Zelf te zijn, om tegen de verwachting van de ander in… de innerlijke stem… trouw te zijn. Het is aan jou om te ontdekken wat de innerlijke stem je influistert, wat klopt voor jou. En er zijn meerdere mogelijkheden: je kan eerst met ons samen uit eten gaan en dan deze jongemannen opzoeken, je kan uit eten gaan met ons en vervolgens kijken wat er hier in de directe omgeving aan mogelijkheden zijn om leeftijdsgenoten op te zoeken (café in de buurt/happening op het strand), je kan met ons uit eten gaan en daarna lopen we samen nog naar de oude stad om wat te slenteren en ergens een drankje te doen, je kan ook beslissen om geen gehoor te geven aan de drang naar avontuur, om te ervaren wat dat in jou teweeg brengt, wat ontmoet je in jezelf als je niet ‘uit’ gaat.

Ze laat het allemaal even bezinken. Op enig moment zegt ze: Ik ga niet…, ik weet niet hoe ik daar moet komen en ook de terugreis is een probleem. Kan jij me niet ophalen? Nee, zeg ik, daar heb ik geen zin in. Ik wil je wel brengen zolang het licht is, leuk om met de auto de omgeving te verkennen, maar de terugreis dien je anders te regelen. Oké, zegt ze, ik ga niet, te ingewikkeld allemaal.
Enige tijd later appt de jongeman, hij is bereid haar op te halen, maar aangezien hij zelf enkele alcoholische drankjes wil nuttigen, kan hij haar niet terug brengen naar het adres waar wij verblijven.

Zijn reactie verandert haar gedachten: ze geeft aan dat ze op de uitnodiging in wil gaan en vraagt of hij een taxi voor de terugreis kan regelen. Niet veel later volgt een naam en telefoonnummer van een taxichauffeur die bereid is om haar, eventueel midden in de nacht, naar huis te brengen. Ze zegt: Ik ga…, ik ga eerst samen met jullie uit eten en dan laat ik hem mij ophalen vanaf ons adres.

Oké, zeg ik, dan lijkt het me fijn om hem even te ontmoeten op het moment dat hij je komt ophalen en ik wil het adres waar hij verblijft, zijn naam en telefoonnummer. Laat de foto nog eens zien van deze jongeman? Ik kijk nog eens goed en voel de foto in: goeie energie, vertrouwenwekkend. De situatie zoals die zich nu ontvouwt voelt goed voor mij. Mijn dochter zegt: Moet ik het pappa vertellen? Dat kan ik niet hoor…, dat ziet hij vast niet zitten. We zien wel hoe het zich ontvouwt…, dat weet ik nu ook nog niet; in ieder geval kan je het geld voor de taxi lenen en leuk dat we nog samen uit eten gaan, dat zal je vader fijn vinden.

Na het eten wordt ze vanaf ons verblijfadres opgehaald. We lopen naar buiten en maken even kennis met de jongeman. Hij stapt uit de auto, stelt zich voor en ik laat weten dat ik het fijn vind om hem even te ontmoeten: we zijn in een onbekende omgeving, we kennen je niet en onze dochter is ons dierbaar. Hij reageert begripvol: kan ik me voorstellen, zegt hij, heel goed om een oogje in het zeil te houden. Mijn partner is gerust gesteld.

Ze stapt in en belooft een appje te sturen. Ik leefde in de veronderstelling dat ze het adres van het verblijf van de jongemannen nog zou sturen. De volgende dag bleek dat ze, voorafgaand aan haar afspraak, de locatie al had geappt, wat ik niet goed had geregistreerd.

Drie kwartier later ga ik naar bed, er is nog geen app met het adres binnen gekomen. Dat is ze vast vergeten…, gaat er door me heen…, nou ja, het is goed zo…, ik ga slapen.

Na een paar uur ga ik naar het toilet en kijk daarna nog even op de telefoon. Geen bericht. Jammer, ik weet dus niet hoe het met haar gaat en het adres waar ze verblijft is niet bekend (dacht ik). Ik verkeer in de zone van het ‘ongewisse’. En toch komt er geen beweging op gang om haar een app te sturen. Ik stap weer in bed. Het is warm, ik kan de slaap niet vatten. Ik zie het ene scenario na het andere scenario voor mijn geestesoog verschijnen, onbewogen kijk ik toe naar de mogelijkheden: ze kan verkracht worden, ze kan vermoord worden, ze kan een geweldige avond ervaren en ergens in de nacht weer thuis aanwaaien, ze kan het reuze naar haar zin hebben en besluiten om te blijven slapen, ze kan het zo naar haar zin hebben dat ze besluit om nog een weekje met hen op te trekken. Dit zijn zo wat mogelijkheden die voorbij komen, ik ben er rustig onder.

Maar achter de scenario’s wordt er wel een andere diepe toon geraakt, een toon die gerelateerd is aan angst: de toon van het ongewisse, de toon van het niet weten, van het onbekende, van totale openheid, wat het Leven zelf is: open, onbekend, fris, nieuw, een avontuur. Het voelt beangstigend…, die totale openheid.

Rond een uur of drie bezoek ik wederom het toilet en kijk nogmaals op de telefoon: geen bericht. Ik bel haar. Ze neemt op, ze heeft het naar haar zin, ze wacht nu op de taxi en komt naar huis.  Fijn dat ze het naar haar zin heeft, dat ze geniet, zonder haar zus, die er niet meer bij kan zijn.

En voor ons…, voor mij… wederom een test van het Leven zelf: overgave aan het bestaan zelf, dat is waar het over gaat…, zonder enige reserve…, overgave aan de totale openheid…, niet wetende wat het volgende moment brengt, niet wetende wat de uitkomst is, niet wetende hoe deze situatie zich zal ontvouwen…, wat altijd al het geval is…, ook al leven we in de veronderstelling dat we het bestaan c.q. situaties naar onze hand kunnen zetten…

De realiteit is dat we geen enkele controle hebben, dat is de feitelijke situatie, waar we als de dood voor zijn zolang we onszelf bezien als afgescheiden van het bestaan: het ik tegenover de wereld. En wat betekent de wereld voor ons? Leeft er vertrouwen in ons? Of ervaren we de wereld als bedreigend en vijandig? Wat is ons perspectief?

Het ‘ik’ (ego) kent geen vertrouwen, het ‘ik’ is een creatie van de mind. Het ‘ik’ wil zekerheid en duidelijkheid, wil weten waar het aan toe is, maar de realiteit is dat niets zeker is, er is geen houvast, er is niets om ons aan vast te klampen, ook al denken we van wel, ook al trachten we allerlei zekerheden te creëren (huis, partner, werk, gezondheid etc.)
En dan hoor ik mijn leraar zeggen: niets is zeker, leer dat lief te hebben. Ja, dat is wat wij een jaar geleden ten volle aan de lijve hebben ondervonden: de dood van onze dochter.

Ik voel dat er een diep loslatingsproces gaande is in mij…, een langzame ontmanteling van het ‘ik’, van de identiteit, van het zelfbeeld (dit ben ik). Niets is meer zeker…, die realisatie is gaande, een afbraakproces wat zich voltrekt…

Ja, alle antwoorden zijn mogelijk, alle scenario’s…, want dat is het Leven.

Ja…, niets is zeker in het bestaan. Niets. Echt Niets… om je aan vast te houden…, die totale openheid, dat is het bestaan zelf, dat zijn wij in essentie: open, vrij, zonder zelfbeeld, alles is mogelijk. Dat is wat ik zo zoetjes aan steeds meer ervaar. Het Leven zelf en de Dood die gaande is.

Niets is zeker…, dat begint steeds dieper op celniveau door te dringen. Ben ik er klaar voor? Klaar voor de sprong in het Leven zelf, zonder een ‘ikje’ die meent aan het roer te staan. Ben ik er klaar voor om mee te bewegen met het bestaan (wat niet anders kan, daar wij het Leven zelf zijn)? Ben ik er klaar voor om samen te vallen met het Leven zelf, de totale openheid…, ongeacht de uitkomst, bereid om ieder offer te brengen, vanuit vertrouwen dat wat zich ontvouwt…, exact datgene is wat mij dient…, dient in de evolutie van de ziel.

Vertrouwen in het bestaan, daar gaat het over…, wat overigens niet betekent argeloos of naïef in een situatie stappen. In deze situatie betekende dit voor mij: foto bekijken, even kennis maken, naam en telefoonnummer bekend, adres van verblijf vragen. En zo draagt het universum met enige regelmaat onvoorziene testen aan zoals bovenstaande situatie met onze dochter. En het bewustzijn in mij kijkt toe: wat brengt deze situatie in mij teweeg? hoe reageer ik? Vanuit angst en zorg of vanuit vertrouwen?
Geen adres van het verblijf van de jongeman (dacht ik) + geen beweging tot het sturen van een app om adres te vragen… Voorheen zou ik in dergelijke situaties direct vanuit angst en zorg contact hebben opgenomen…

Tja, dat is het Leven. Welke testen van het universum kom jij tegen? Zie je ze? En wat brengen deze testen in jou teweeg? Is er verzet? Klamp je je vast? Of beweeg je mee? Onderzoek je voor jezelf wat deze test je te vertellen heeft? Iedere test draagt de mogelijkheid in zich tot groei, tot bewustzijn.

En dan ben ik onze dochter weer heel erg dankbaar voor haar avontuurlijke spirit, haar vertrouwen in de mensheid, een spiegel voor ons, ook al vergist zij zich soms.

De volgende dag lees ik de blog aan haar voor en vraag ik aan haar of zij zich hierin kan vinden. Is het oké als ik dit publiceer? Ja, zegt ze, het is oké.
Wat is de hapering die ik hoor, zeg ik.
Ik ben bang dat mensen weer over me heen vallen, dat ze weer van alles van me vinden, dat ik geen rekening met jullie heb gehouden, terwijl Simone rond deze tijd een jaar geleden is gestorven etc.
Nou, zeg ik, dat zal ik in de blog zetten…, misschien begrijpen ze ook de andere kant van de medaille…, dat je mij/ons dient in onze groei…, het is niet altijd gemakkelijk…, dat moet ik toegeven, maar ik ben je dankbaar…, heel dankbaar voor wie jij bent…

 

2the-wind3694577_orig

Moed betekent angst voelen en toch je hart volgen.

moed mooie-spreuken-liefde

We zijn op vakantie. Kennissen uit de omgeving komen langs, op visite.

De man en de vrouw delen de wetenswaardigheden van het afgelopen jaar. We luisteren naar de nieuwtjes en vragen hier en daar door. Leuk om te horen welke concrete veranderingen er in hun leven hebben plaats gevonden (verbouwing/andere baan).

Het tempo van het gesprek ligt ‘hoog’. Het ene verhaal na het andere wordt gedeeld. Na enige tijd valt mij op dat er niet een wederkerige uitwisseling ontstaat. Zij delen, wij (mijn partner en ik) luisteren. Wat maakt dat deze uitwisseling zo verloopt?

Wat ik bemerk, is er dat er weinig ruimte is in het gesprek, ruimte in de zin van openheid, ruimte in de zin van vertraging, ruimte in de zin van pauzes gedurende het delen, ruimte in de zin van: stilte.

De stilte, de openheid, de vertraging van waaruit verdieping, een werkelijk ontmoeten en humor kan ontstaan…

Op enig moment wordt er een wedervraag gesteld: welke nieuwtjes hebben jullie?
Ik voel geen enkele impuls om wat te delen. Er komt niets op. Ik heb geen nieuwtjes te delen. Wel een proces doorlopen naar aanleiding van het overlijden van onze dochter, waar zij van op de hoogte zijn.

De energie in het gezelschap ligt ‘hoog’ of is ‘gehaast’, ‘snel’. Ik merk dat ik wat tijd nodig heb om te zakken, om in te dalen, om te voelen wat er van binnenuit gedeeld wil worden, maar die tijd ontbreekt. En ik spreek me daarover niet uit. Mijn partner doet een poging door een nieuwtje te delen. Het nieuwtje wordt op een bepaalde wijze opgepakt en vertaald door de ander. Er komt geen uitwisseling op gang en al snel draaien de rollen weer om. Hier en daar plaats ik nog een opmerking, maar er komt geen werkelijke ontmoeting op gang.

Ik bekijk onze interactie. Ja, zo gaat het…, dit is het hoofdmenu, niet het voorgerecht, maar het hoofdmenu: de wetenswaardigheden. Geen stilte, pauze, vertraging van waaruit verdieping en humor kan ontstaan, maar in een hoog tempo zenden.
Hij mist contact, hij mist de uitwisseling van emoties, geeft de bezoeker aan. Dat begrijp ik, als ik zo het gesprek waarneem. Hij voelt zich alleen, eenzaam, kent weinig mensen. Dat begrijp ik, als ik zo het gesprek beluister.

Na 1,5 uur breekt het moment aan om afscheid te nemen. De man geeft aan dat we altijd langs kunnen komen als er iets is, dat zij graag met ons willen wandelen en vervolgens nodigt hij ons uit om over 6 dagen te komen barbecueën.

En dan komt het erop aan: Wat zeg ik? Wat is mijn waarheid? Wat voel ik? Wil ik wel nader contact? Wil ik wel barbecueën met hen? En durf ik me uit te spreken ook als de ander dat mogelijk als een afwijzing of teleurstelling ervaart?

Eén ding is op voorhand voor mij duidelijk: ik wil niet barbecueën. Ik voel er niets voor om een aantal uren van mijn tijd door te brengen met mensen, die zich bewegen op het level van nieuwtjes. Niet dat er iets mis is met hen (het zijn sympathieke mensen) of met het uitwisselen van nieuwtjes, maar dat kan ook door even een praatje te maken, zo nu en dan.

Oké, de uitnodiging. Wat is mijn antwoord?
Ik zeg: ik weet het nog niet. Waarop de ander reageert: hoezo weet je het nu nog niet?
Ik zeg: Ik wil eerst met mijn partner overleggen, ik laat het je nog weten.
Hoezo is daar overleg voor nodig? Je weet nu toch wel of je over 6 dagen wilt barbecueën? (En dat klopt, ik weet mijn antwoord, maar ik ben niet alleen, er is ook een partner, en ik vind het niet makkelijk om ‘nee’ te zeggen).

En vervolgens kijkt hij vragend naar mijn partner: wat vind jij ervan? En ik zeg nogmaals dat ik met mijn partner wil overleggen: ik laat het je over enkele dagen weten. Mijn partner knikt instemmend naar mij en het gezelschap. Ik zie en voel dat de bezoeker geïrriteerd is en zich afgewezen voelt.

Ik pak de draad weer op en zeg: ik weet niet of ik het nu wel wil…, misschien voelt het gewoon te snel…, voelt het meer kloppend als we over een maand afspreken om te barbecueën. En ik wil ook gewoon even afstemmen met mijn partner. Waarop hij verbolgen reageert: Over een maand? zegt hij (dan pas…), nou, dan weet ik niet of ik er wel ben, misschien ben ik dan wel op vakantie. Waarop ik zeg: Oké, dat zij dan zo. Dat antwoord vindt hij niet leuk. En ik voeg eraan toe: Als het antwoord ‘nee’ is, als we jullie uitnodiging afslaan, betrek het dan niet op jezelf. Het gaat niet over jullie, ik mag jullie, maar de vraag is of ik op deze wijze wil afspreken met jullie. Nou, reageert hij echt geïrriteerd: ik wil het wel een paar dagen van tevoren weten om de inkopen te doen.
Ik zal het je tijdig laten weten, zeg ik.

Voel je het gesprek aan? Voel je hoe moeilijk het is om jezelf trouw te blijven als je een sterk appèl voelt van de andere kant tot contact? Als je weet dat de ander zich eenzaam voelt, ook al ben ik niet verantwoordelijk voor de eenzaamheid van de ander… Voel je wat voor enorme uitdaging er in zit om je uit te spreken, om je waarheid te leven?

Zo nu en dan een praatje of een kopje koffie/thee, meer zit er niet in. Dat is het antwoord van binnenuit, oftewel ‘mijn’ waarheid. Ga er maar eens aan staan om deze boodschap in alle openheid en eerlijkheid te geven. Ik wijs hen niet af, maar zo interpreteren zij dat wel, zij betrekken het op zichzelf, maar daar gaat het niet over, het gaat niet over hen, maar over mij: wat klopt voor mij?
Ook al klopt dat niet voor de ander…

Ja, maar je kunt toch niet altijd uitgaan van jezelf? Dat is toch egoïstisch?
Is dat zo? Is het egoïstisch om jezelf trouw te blijven? Of is het egoïstisch van de ander om er bij voorbaat vanuit te gaan dat je aan de verwachting (de uitnodiging) van de ander tegemoet komt? Het is toch een uitnodiging? Oftewel: een vraag? En op een vraag zijn toch meerdere antwoorden mogelijk: ja, nee, misschien. Mag ik ‘nee’ zeggen? Of dien ik eigenlijk ‘ja’ te zeggen, omdat de ander zich anders afgewezen voelt of teleurgesteld, alsof ik verantwoordelijk ben voor de reactie van de ander?

Ben ik verantwoordelijk voor de pijn die de ander in zich draagt, de pijn die geraakt wordt op het moment dat ik ‘nee’ zeg, de pijn die ooit is ontstaan in zijn of haar geschiedenis? Dien ik dan het leven te leiden wat anderen van mij verwachten, omdat zij zich anders afgewezen of teleurgesteld voelen?

Ben ik op het punt aangeland dat ik een afwijzing van de ander in ontvangst kan nemen wetende dat deze afwijzing niets over mij zegt, maar alles over de ander: hij of zij raakt getriggerd door een ‘nee’, hij of zij heeft een verwachting waar ik niet aan tegemoet kan komen, hij of zij laat de ander (mij) niet vrij, er is geen ruimte bij de ander om elk antwoord in ontvangst te nemen, het antwoord moet eigenlijk ‘ja’ zijn. Is dit liefde?

Hoe groot is het hart van de ander als er impliciete eisen worden gesteld? Als je eigenlijk geen ‘nee’ mag zeggen. Is het egoïstisch om naar jezelf te luisteren? Om na te gaan wat klopt voor jou? Ook als dat niet klopt voor de ander… Moet ik dan mijn leven zo  leven dat ik aan alle verwachtingen en verlangens van anderen voldoe? Dus dat ik het leven van anderen leid in plaats van het leven zoals het van binnenuit klopt?

Van waaruit bewegen we mee met al die verwachtingen die anderen over ons hebben? Schuldgevoel? Dan ben ik geen goeie …: vader, moeder, dochter, zoon, buurvrouw/man, partner, werknemer, werkgever?

Bewegen we mee met de verwachtingen om mogelijke oordelen van anderen te voorkomen? Oordelen die nog in onszelf leven, want anders zouden de oordelen van anderen ons überhaupt niet raken. Oordelen die voort komen uit overtuigingen, die we van jongs af aan hebben mee gekregen: als je aan jezelf denkt ben je een egoïst, dan heb je niets voor de ander over. Is dat zo? Heb je niets voor de ander over als je uitgaat van datgene wat klopt voor jou?

In hoeverre ben je echt aanwezig, in verbinding, in contact, als je ‘ja’ zegt, terwijl het van binnen een ‘nee’ is? In hoeverre is dat liefdevol naar de ander toe? Maar bovenal naar jezelf? Waarom voelen zoveel mensen zich moe en uitgeput? Zou dat onder andere te maken kunnen hebben met het gegeven dat we niet luisteren naar dat wat de innerlijke stem aangeeft, omdat we geleefd worden door allerlei overtuigingen, die aan ons door opvoeders en maatschappij met de paplepel zijn mee gegeven?

Oké, terug naar de situatie. De uitnodiging voor de barbecue. Ik overleg met mijn partner en vraag hem hoe hij erin zit. Hij geeft aan dat hij niet van barbecueën houdt. Zo nu en dan een kopje koffie/thee drinken en hij wil ook wel een enkele keer met de mannelijke bezoeker wandelen (of het er daadwerkelijk van komt, weet hij niet), maar hij zit niet te wachten op een barbecue.

Dit is het antwoord wat ik de bezoekers stuurde:

Ha lieve mensen,
Barbecue: nee. We vinden het leuk om jullie zondag even te bezoeken, de  verbouwing te zien en een praatje te maken, als het voor jullie ook oké is.

Ik kreeg het volgende antwoord terug: Hi, Oke op zondag.

Tja, zo gaat het dan…, dikke kans dat hij zondag vraagt waarom we niet willen barbecueën. En wederom een uitdaging: wat zeg ik dan? En mijn antwoord is anders dan het antwoord van mijn partner. Durf ik open en eerlijk aan te geven hoe voor mij de vork in de steel zit: zo nu en dan een praatje, dat is het, het heeft niets met jullie persoonlijk te maken, dit is gewoon het antwoord wat ik van binnenuit voel.

Ben benieuwd wat zich zondag ontvouwd.

PS betekent dit dat mijn partner voor hetzelfde dient te kiezen? Nee. Als hij wil gaan wandelen, eten, kletsen of anderszins…, ga je gang…, je bent een vrij mens…, net als ik.

De vrijheid die in mij rijzende is, gun ik ieder ander.

www.bewustzijnscoaching.com
Facebook: Caroline Ootes, Ontwaken, Bewustzijnscoachinvg

 

Alone but not lonely

alleen-zijn-vs-eenzaam

Moederziel alleen

Bekend geluid: dat je je alleen voelt…, eenzaam.
En dat dat niets te maken heeft met alleen zijn. Alleen zijn, in de zin van: zonder sociale contacten. Integendeel, je leeft samen met mensen, je ontmoet collega’s op je werk, je bezoekt familie, vrienden… en ga zo maar door…, genoeg mensen om je heen, genoeg sociale uitwisselingen… en toch… voel je je alleen, eenzaam.

Wat is dat toch? Van waaruit voelen we ons alleen…, eenzaam…, zelfs wanneer we in gezelschap zijn of op onszelf? Enig idee?

Jaren heb ik mij alleen gevoeld, eenzaam, vervreemd. Eigenlijk voelde ik me een groot deel van mijn leven niet thuis op aarde, verloren. En ik begreep er niks van. Genoeg mensen om me heen, het ontbrak mij aan niets… en toch voelde ik me moederziel alleen. Jaren ontvluchtte ik deze gevoelens van eenzaamheid. Te pijnlijk om toe te laten, te pijnlijk om echt tot me door te laten dringen dat ik me alleen en eenzaam voelde.

Allerlei vormen van afleiding zorgde ervoor dat die nare gevoelens van eenzaamheid op de achtergrond bleven. Herkenbaar? Herken je de vluchtwegen die jij bewandelt om gevoelens van eenzaamheid uit de weg te gaan? Vormen van afleiding als: veel eten,  alcohol/drugs, festivals aflopen, tv/series kijken, iedere avond de hort op, veel kennissen en vrienden, hard werken, cursussen, opleidingen en therapie volgen om aan jezelf te werken (in de hoop dat het gevoel van ongelukkig zijn verdwijnt) etc.

Kortom: we vullen onze tijd.
We vullen de tijd met van alles en nog wat…, om de leegte in ons niet te hoeven voelen…, om de leegte te ontlopen…, de leegte die we allemaal in ons dragen.

Niet eenvoudig om deze gevoelens van eenzaamheid aan te gaan als de kracht en het inzicht ontbreekt dat eenzaamheid niets te maken heeft met uiterlijke omstandigheden, maar met een innerlijke hoedanigheid: we zijn niet thuis bij ons-Zelf, we zijn niet thuis in het Hart.

En als we niet thuis zijn bij ons-Zelf, dan zoeken we ‘het’ (verbinding, contact, liefde) buiten ons: dan hebben we de ander nodig. De ander moet onze gevoelens van eenzaamheid, vervreemding en niet begrepen zijn, voor ons weg nemen. De ander moet ons gelukkig maken (wat onmogelijk is). En door deze overtuiging (dat eenzaamheid alleen opgelost kan worden door een ander), voelen we ons afhankelijk van anderen. We zijn niet afhankelijk, nee, we hebben onszelf afhankelijk gemaakt: we menen de ander nodig te hebben voor ons gevoel van welzijn. De aanname dat we niet zonder de ander gelukkig kunnen zijn, zorgt ervoor dat we onszelf afhankelijk maken van de liefde en goedkeuring van de ander. Heftig toch…, als je dit tot je door laat dringen?

Wederom: het Hart versus de Mind.
Als we niet thuis zijn in het Hart, als we niet thuis zijn in ons-Zelf, dan leven we vanuit de mind, dan leven we vanuit de overtuiging dat we de ander nodig hebben om ons vervuld te voelen, om ons niet langer eenzaam en alleen te voelen. Ja, en als we werkelijk menen dat we de ander nodig hebben voor ons gevoel van welbevinden, dan gaan we in de aanpassing, dat kan niet anders. Dan vragen we onszelf voortdurend af hoe we overkomen op anderen: hoe behoor ik me te gedragen, wat kan ik wel zeggen/doen en wat kan ik maar beter niet zeggen/doen, wat ligt goed in de groep (collega’s, vrienden, sportclub, politieke partij), wat is not done, wat is het gepast, wenselijk gedrag om geaccepteerd te worden, om erbij te horen?

Met andere woorden: we tonen de buitenwereld een masker.
We laat niet zien wat er werkelijk in ons omgaat, want als we ons ware gezicht laten zien, dan wijzen mensen ons af. Wat we ons niet realiseren is dat de afwijzing (identificatie met de mind, de criticus) in onszelf leeft: we wijzen onszelf (bepaalde gedachten/emoties) af, van waaruit we bang zijn dat de ander ons ook zal afwijzen. Om afwijzing te voorkomen, doen we ons anders voor (vrolijk, vriendelijk, behulpzaam, geïnteresseerd etc.) dan wat er op dat moment in ons gaande is, want ja…, we hebben onszelf nu eenmaal afhankelijk gemaakt van de bevestiging en goedkeuring door anderen.

Gevolg: we geven onze individualiteit, onze eigenheid, ons-Zelf op (een proces wat van jongs af aan intreedt). We volgen, we zijn imitators, want anders blijven we alleen achter, anders wordt de pap ons onthouden. We worden deel van de massa, de menigte, in de aanpassing…, in ruil  voor …?

Ja, voor wat eigenlijk? Wat betekent die aandacht van de ander als we daarvoor onze eigenheid dienen op te geven? Wat betekent acceptatie of erbij horen als we ons anders voordoen, als we niet onszelf durven te zijn?

Ja, maar het is toch zo…, dat we de ander nodig hebben? Niemand wil toch alleen zijn? Niemand wil alleen achter blijven, toch?

O ja, is dat echt zo? Is levensgeluk afhankelijk van een ander?
Of denken we dit, omdat we niet anders weten, omdat we leven vanuit de aanpassing en we onze individualiteit zijn verloren. Denken we dit…, omdat we de confrontatie met de leegte nog niet zijn aan gegaan? Omdat we pijnlijke gevoelens van eenzaamheid ontlopen?
Zodra de eenzaamheid zich aandient, gaan we weer op de vlucht.

Hoe weten we wat zich aan de overkant bevindt als we nog nooit de leegte, de eenzaamheid hebben ontmoet?

Zonder de ander worden we op onszelf terug geworpen. Als we op onszelf worden terug geworpen (ruzie, verwijdering, relatie gaat uit, partner sterft, vriendschap wordt beëindigd), zullen gevoelens van eenzaamheid op de deur kloppen. Blijf er eens bij, ook al veroorzaakt dat angst en wil je weer terug rennen naar de ander of naar een voor jou bekende vluchtroute. Treed de eenzaamheid tegemoet…

Ja, het voelt als een afgrond van diep gemis en leegte, ik weet er alles van.
Diep gemis en leegte naar wat?
Naar verbinding met ons-Zelf, naar verbinding met onze essentie: het Hart.

En ja, er is moed voor nodig en inzicht om bij de pijn te blijven.

Wanneer we de leegte, het gemis en de eenzaamheid werkelijk tegemoet treden, vindt er een smeltingsproces plaats. Langzaamaan komen we thuis in ons Hart, we ontdekken wie we werkelijk zijn (los van anderen), gevoelens van vervreemding lossen op, ons individuele Zelf herrijst, de aanpassing en behoeftigheid (ik heb de ander nodig) verdwijnt: je bent en je ervaart dat je het prima naar je zin hebt met je-Zelf. Je gevoel van welbevinden is niet langer meer afhankelijk van goedkeuring, bevestiging, acceptatie, waardering, gezien of begrepen worden door de ander.

Eenzaamheid transformeert naar alleen-zijn (al-een-zijn: je bent Een). Je bent gelukkig, zonder enige reden, je hebt de ander niet nodig. Niet dat je niet met anderen wilt zijn… Integendeel: je bent in staat om met anderen te zijn en samen te leven, omdat je je-Zelf bent.

Ik sluit af met een alinea van Osho (Zen tarot, kaart 9, aloneness) over eenzaamheid versus alleen-zijn. ‘Eenzaamheid is een negatieve toestand. Je verlangt naar de aanwezigheid van de ander, je verlangt naar wezenlijk contact en verbinding, maar de ander is afwezig en jijzelf bent ook afwezig, niet aanwezig in het hart. Eenzaamheid is de afwezigheid van de ander. Alleen zijn, wat iets anders is dan eenzaamheid, is de aanwezigheid van jezelf. Alleen zijn betekent: vervulling, overvloed, je hebt niemand nodig, fijn als er anderen zijn, maar je hebt ze niet nodig om je happy of vervuld te voelen.’

Until you get comfortable with being alone, you will never know if you are choosing someone out of love or loneliness.
(Mandy Hale)

www.bewustzijnscoaching.com
Facebook: Caroline Ootes, Ontwaken, Bewustzijnscoaching.

 

Als het hart gesloten is, regeert de mind.

islamophobia

We zien de werkelijkheid niet zoals die is…, was het maar waar…
Het is de mind die regeert. En zolang de mind aan het roer staat, kijken we vanuit een gekleurde bril naar de werkelijkheid. Die bril bestaat uit etiketten en labels die we op onszelf, de ander en de wereld plakken.

Voorbeeld: de wereld is onveilig, al die buitenlanders en vluchtelingen nemen ons land over en plegen geweld tegen homo’s en vrouwen.

Anders gezegd: we zien de werkelijkheid door een sluier van meningen, oordelen, voorkeuren en afkeuren, godsdienstige overtuigingen en ga zo maar door…, waardoor we de realiteit niet zien zoals die is, maar zoals wij deze bedenken.

We zijn een gevangene van de mind, zonder dat we ons dat realiseren.
En dit is geen individuele kwestie (sommige mensen hebben (voor)oordelen en anderen niet), nee, het is een collectieve aangelegenheid: de mensheid is niet thuis in het Hart.

We leven vanuit angst en wantrouwen.
Angst voor tekort: buitenlanders pikken onze banen en huizen in (overtuiging).
Angst voor de medemens: Turken en Marokkanen zijn niet te vertrouwen (profiteurs en raddraaiers). Angst voor veroordeling en geweld: we lopen als homostel niet meer hand in hand over straat, omdat we anderen niet willen provoceren (overtuiging).

Zolang we niet thuis zijn in het Hart kwetsen we onszelf en anderen. We kwetsen onszelf met oordelen over onszelf: het gevoel niet te voldoen, tekort te schieten, schuld en schaamte etc. En we kwetsen anderen, die we labelen als ‘tuig’, ‘profiteurs’, ‘ongewenst’ en ‘niet welkom’.

Pijnlijk, omdat we allemaal mensen zijn…, en niemand meer of minder is dan de ander.

Pijnlijk om uitgesloten te worden als Marokkaan, Turk, vluchteling, homo, vrouw, jood… En ga zo maar door. Oorzaak: identificatie met de mind.

Identificatie met de mind leidt ertoe dat we de ander niet ‘open’ tegemoet treden. Er zit een filter van opvattingen tussen. En dit maakt het zo moeilijk om elkaar echt te verstaan, om elkaar van hart tot hart te ontmoeten. Gevolg: discussie, je gelijk willen halen (mijn standpunt is waar, de jouwe niet), misverstanden (omdat we ons niet kunnen verplaatsen in de ander), ruzie, haat, uitsluiting, oorlog. We zien het licht niet in onszelf en daarmee ook niet in de ander: het hart is gesloten.

En we staan er niet bij stil dat we dag in, dag uit ons ecosysteem vullen met al onze gedachten, meningen en oordelen… We weten niet beter… Van jongs af worden we groot gebracht in het collectieve veld van de mind. Niet vreemd dat de wereld er zo uit ziet, zoals ze is.

Herken je wat ik aangeef? Herken je de neiging in jezelf om doorlopend alles en iedereen te beoordelen? Meningen bij de vleet…

Sta je weleens stil bij de impact van deze neiging? De impact van al die oordelen, die we over onszelf erop na houden? Wat doet dat met ons? Is het liefdevol om onszelf keer op keer te bekritiseren?

Sta je weleens stil bij de impact van al die oordelen, die we hebben over anderen?
Wat betekent deze neiging voor de omgang met onze medemens?
Hoe treden we de ander tegemoet wanneer we ervan uitgaan dat de ander onze vijand is, niet welkom? Hoe benaderen we de ander als we bang zijn voor de ander? Wat zenden we dan uit waar de ander weer op reageert? Wat doet het met Marokkanen, Turken (etc.) en vluchtelingen, die niet mee mogen doen in de maatschappij? Is het liefdevol om zo met de medemens om te gaan?

Sta je weleens stil bij de impact van al die overtuigingen, opvattingen en meningen op de samenleving als geheel? En de wereld?

De neiging om vanuit een bedachte werkelijkheid te leven, maakt dat we van alles op onszelf, de ander en de wereld plakken, wat niet de werkelijkheid zelf is.

Tja, de Mind versus het Hart.

Voorbeeld: Het stemlokaal.
Er bevindt zich een man van allochtone afkomst met partner in een stemhokje. De man draagt een djellaba (lang gewaad). Er staan wat mensen te wachten bij de tafel waar de stembiljetten worden uitgedeeld. De man van allochtone afkomst staat achter zijn partner, over haar heen gebogen in het stemhokje. Een man die in de rij van wachtenden staat, spreekt de allochtone man met een luide, agressieve stem aan: ‘Hé, wat bent u daar aan het doen…, dat mag helemaal niet, u mag niet met een ander in het stemhokje staan.’ Waarop een man, die zich achter de tafel met de stembiljetten bevindt, met lading het overneemt en zegt: ‘U bent hier in Nederland, U moet zich aan de Nederlandse regels houden, er mogen geen twee mensen in een stemhokje.’ Vervolgens neemt de wachtende man het stokje weer over en zegt op luide, agressieve toon: ‘Ik weet niet wat je daar allemaal aan het doen bent, met die telefoon bij het stembiljet, maar dat is verboden.’ Waarop de man van allochtone afkomst zegt: ‘Ik help mijn vrouw, ze kan niet lezen en schrijven en zij heeft ook recht om te stemmen.’ De stemming is geladen en vijandig.

Zie je de uitwerking van de mind? De uitwerking van oordelen en meningen over de ander? Enig idee welke plaatjes er in de wachtende man leven over het echtpaar in het stemhokje?

Mogelijke plaatjes: ‘Weer zo’n buitenlander die zich niet gedraagt, die de regels aan zijn laars lapt en vervolgens ook nog eens voor zijn vrouw wil bepalen wat ze moet stemmen, zij moet zeker precies stemmen wat hij goed acht, alle vrouwen van allochtonen worden onderdrukt, kijk maar, hier gebeurt het ook.’

En wat was de realiteit? De moslimman hielp zijn vrouw met het invullen van het stembiljet. En de regel is dat er geen twee mensen in een stemhokje mogen. Dat is alles.

Hoe zou de situatie zijn verlopen wanneer het collectieve veld het Hart is?

En dat is waarmee ik deze blog wil eindigen: het Hart. Er zijn mensen die vluchtelingen in hun huis opvangen, er zijn mensen die vluchtelingen wegwijs maken in Nederland, er zijn mensen die Marokkanen (etc.) een kans geven om mee te doen in de maatschappij, er zijn mensen die een initiatief nemen om de kloof tussen bevolkingsgroepen, veroorzaakt door de mind, te overbruggen.

Zo keek ik van de week naar een documentaire: Nice People.
Een documentaire over een groep Somalische immigranten in het Zweedse Borlänge, die in 2014 klaar gestoomd worden om als nationaal team van Somalië mee te doen aan het wereldkampioenschap bandy (een variant op ijshockey) in Rusland.
Bekijk de documentaire eens vanuit het Hart…, bij mij liepen de tranen over mijn wangen. Prachtig om de uitwerking te zien en in te voelen van een dergelijk initiatief op de immigranten en de bewoners van de Borlänge. Google ‘Nice People’ of probeer deze link: http://www.moviesthatmatter.nl/festival/programma/film/1881

Tot slot: kijk eens naar de werking van de mind door de dag heen. Observeer eens al die meningen en oordelen, die dagelijks door jou heen gaan. Ervaar eens hoe het is om een dag zonder oordelen en meningen te leven, om een dag zonder voorkeur of afkeur aanwezig te zijn, om een dag het leven te ervaren vanuit het Hart, vanuit compassie en openheid. En als dat niet lukt, dan besef je wellicht voor het eerst dat je een gevangene bent van de mind. Veroordeel jezelf daar niet op…, we zijn allemaal onwetend ten aanzien van onze ware natuur.

www.bewustzijnscoaching.com
Facebook: Caroline Ootes, Ontwaken, Bewustzijnscoaching

 

 

 

We do not see the things as they are, but as we are.

Als je gelooft dat degene van wie je houdt anders moet zijn dan ze is, dan heb je helemaal geen relatie met haar. Je hebt een relatie met een ideaalbeeld in je hoofd. Je hebt een relatie met je eigen gedachten.

(Scott Kiloby)

You can only make theories, you can never know the truth (jongen, 9 jaar)

meaning-of-lifetumblr_m4ges6jbqa1qk59nco1_500

Wat is de zin van het leven?

Tijdens een bijeenkomst waar ik als vrijwilliger ondersteuning bied, luister ik naar een toespraak over de zin van het leven.

Waarom overkomt mij dit? Waarom moet ik dit meemaken?

Het zijn vragen, aldus de trainer, die we onszelf stellen wanneer alles wat zeker lijkt, onzeker blijkt te zijn. Wat je lief is, wordt je afgenomen en de vanzelfsprekendheid van de wereld zoals je die kende, valt weg. Ziekte, oorlog, een dierbare die overlijdt, faillissement, een relatie die stuk gaat… Het kunnen allemaal momenten zijn dat je jezelf afvraagt: ‘Waartoe? Waarom?’

Op de terugweg, in de auto, mijmer ik nog wat na over de bijeenkomst en realiseer ik mij dat ik dit soort vragen (waartoe? waarom?) niet heb gesteld na het overlijden van onze dochter (juli 2016). Ze zijn niet in mij opgekomen…

En als ik de vragen nu door mij heen laat gaan (waartoe? waarom?), dan is mijn antwoord: ik weet het niet, ik weet het echt niet, de gebeurtenis vindt plaats, dat is het enige wat ik kan zeggen. Ze is dood, dat is alles wat ik weet, ze is er niet meer, niet meer in aardse vorm.

En waarom overkomt het mij/ons? Een wedervraag: Waarom overkomt het mij/ons niet? Iedereen wordt op enig moment geconfronteerd met de dood, met crisis, met verlies. Er is geen verklaring, geen waarom of waartoe.

Wat er wel is, is de ervaring zelf: de dood van een dierbare.

Ik kan aangeven wat de uitwerking van deze gebeurtenis is, bezien vanuit het perspectief dat iedere uitdaging of crisis een kans is tot innerlijke groei, maar de zin achter de gebeurtenis zelf, wordt daar niet mee beantwoordt.

Wel kan ik een verklaring bedenken (naast de medische verklaring), maar dat zegt niets over de waarheid zelf (het waarom van haar dood), want die weet ik niet. En ik heb er vrede mee, dat ik het niet weet, dat ik in het ongewisse verkeer rond het mysterie van haar dood (het mysterie van het leven zelf).

En hoe zit het met jou? Heb jij er vrede mee dat je in het ongewisse leeft met betrekking tot jouw leven? Dat je wel van alles kan uitstippelen of bedenken over de zin die jij aan je leven wilt geven, maar dat dat geen enkele garantie geeft over de uitkomst. In tegendeel, het Leven pakt veelal anders uit dan wat jij voor jezelf had/hebt bedacht, toch?

En hoe makkelijk of moeilijk is het voor jou om in het ongewisse te leven met betrekking tot gebeurtenissen, die jij als crisis ervaart?

Je partner geeft aan dat die wil scheiden…, je bedrijf is bijna bankroet…, je kind wordt gepest op school…, je hoort dat je ongeneeslijk ziek bent…, het land waarin je woont geraakt in oorlog etc. Je weet niet hoe de dag van morgen eruit ziet…, de vanzelfsprekendheid der dingen valt weg, totale onzekerheid. Hoe is dat voor jou? Kan je daarmee zijn?

Deep down, omdat we uitgaan van een afgescheiden zelf, een ‘ikje’ die los staat van het Leven zelf, voelen we een diepe angst, een diepe onzekerheid om op het Leven zelf te vertrouwen.

Als we niet in het ongewisse kunnen leven (wat totale overgave vraagt), dan is er altijd nog de mind, die ons bij kan staan bij het formuleren van een zin, doel, verklaring en overtuiging.

Overtuigingen zoals:

De loop der dingen ligt vast, ik heb geen invloed, het is gewoon het lot, soms heb je geluk en soms pech.

Of:

Mijn leven ligt in de handen van God, ik stel mij ten dienste van mijn geloof en vecht daarvoor.

Of:

Ik heb invloed, ik sta aan het roer, ik geef richting, alles is mogelijk als je je inzet geeft.

Of:

Als het leven geen zin heeft, waarom zou ik me dan druk maken: pluk de dag, geen zorgen over de dag van morgen, geniet.

Of:

Het leven heeft zin, het is belangrijk om goed te doen, je bent hier om te geven en om de wereld een beetje beter achter te laten.

Of: vul maar in…, wat is jouw levensbeschouwing, welke zin geef jij aan je bestaan?

En alles wat we bedenken over de zin van het leven, is niet wat het Leven zelf is, dat niet te bedenken valt.

Zo dienen we regelmatig onze overtuigingen bij te stellen, omdat dat wat vandaag werd geloofd, morgen weer anders kan zijn. Waar overigens niets mee mis is, ware het niet dat het loslaten van een overtuiging (omdat we die voor ‘waar’ aannemen: wat ik geloof is juist) nogal pijnlijk kan zijn. Bijvoorbeeld de overtuiging dat je mensen moet doden voor je godsdienst. Laat die maar eens los als je er midden in zit en er heilig van overtuigd bent dat je goed doet. Of de overtuiging dat jij van je leven kunt maken wat je wilt en je maakt een zwaar auto ongeluk mee waardoor alles wat je bedacht had onderuit wordt gehaald.

En dan heb ik het nog niet gehad over het gapende gat wat er is tussen een overtuiging en de realiteit zelf: we leven veelal niet wat we bedacht hebben. Denk maar aan de vele voornemens/doelen, die we niet waar maken. Wat zegt dat dan over dat ‘ik’, die in control is en aan het roer staat? Of is dat ‘ik’ ook maar een bedenksel?

En er valt nog een punt te maken: al die aandacht over de zin van het leven, al die verklaringen die we geven aan gebeurtenissen, al die doelen die we onszelf stellen…, houden ons gevangen in de mind in plaats van het Leven te ervaren, in het hier en nu, in dit moment waarin alles zich precies ontvouwt zoals het zich ontvouwt.

Overtuigingen, doelen en verklaringen… versus… het Leven zelf.

En het Leven zelf, wat wij in essentie zijn, laat zich niet in een mal persen. Het Leven zelf stroomt, is aan verandering onderhevig, is onzeker, kent geen ankers, geen toekomst en verleden dan het moment zelf, geen houvast in de vorm van antwoorden.

Ik vraag me af van waaruit we, als mensheid, de behoefte voelen om onszelf deze zingevingsvragen (waartoe/waarom) te stellen? Van waaruit volstaat de ervaring van het leven zelf niet en willen we filosoferen over de zin van het leven of de zin van een bepaalde gebeurtenis? Enig idee? Sta hier even bij stil voordat je verder leest…

Biedt het troost om een verklaring te geven aan een gebeurtenis? Geeft het geruststelling te weten waarvoor je leeft en wat het doel is van je bestaan? Biedt het houvast, zekerheid te weten dat er een god is of dat er geen leven is na de dood?

Of beschermen we onszelf tegen het voelen van pijn (bijvoorbeeld het verdriet/gemis van een dierbare), door ons bezig te houden met het waarom en waartoe (de verklaringen)?

Het antwoord zou zomaar eens bevestigend kunnen zijn: ja, die antwoorden bieden houvast en bescherming, dat klopt. We willen toch allemaal houvast en zekerheid? Weten wat de dag van morgen brengt? We willen ons beschermd en veilig voelen…, toch?

Ook als die bescherming maar een heel dun, breekbaar laagje vernis is dat ieder moment kan barsten? Je partner gaat er vandoor, er breekt een oorlog uit, je wordt ziek, ontslagen, er gaat iemand dood etc.

Uiteindelijk…wat we deep down ook eigenlijk best wel weten…kunnen we ons nergens aan vast houden…, we weten echt niet wat de volgende minuut brengt, maar dat gegeven, dat we ergens wel weten dat er niets is waar we ons aan vast kunnen klampen…, dat gegeven… willen we niet tot ons door laten dringen…, dat is te eng…, geen bodem onder onze voeten…, geen ankers…, onzekerheid troef…, overgeleverd aan het bestaan… Oftewel: overgeleverd aan het Leven zelf. Ja, zo voelt dat voor het ‘ik’. Overgeleverd aan het bestaan…, maar als dat ‘ik’ deel is van het Leven zelf, als er geen scheiding is tussen jou en het bestaan, omdat jij en het bestaan één zijn, is er dan nog wel sprake van ‘overgeleverd zijn’?

Van waaruit voelen we de behoefte om ons te beschermen en in te dekken door schijnzekerheden en houvasten? Welke overtuiging zit daar weer onder? Is de wereld geen veilige plaats en het Leven ons niet goed gezind (overtuiging)? Kijken we vanuit angst voor armoede en tekort naar het Leven?

Wat als we diep tot ons door laten dringen dat het leven onzeker en kwetsbaar is? Wat roept dat op? Wat willen we niet voelen? En ook niet weten?

Zonder zin, zonder doelen om voor te leven…
Zonder betekenis…
Zonder godsdiensten, die houvast en zekerheid bieden…
Zonder toekomst, omdat je echt niet weet wat het leven brengt
Zonder verleden, zonder verklaringen, zonder waarom, zonder verhaal
Het leven IS.

Is er dan geen enkele zekerheid?

Jawel, de enige zekerheid die er is…, is… dat we allemaal dood gaan…, op een dag…, welke dag en welk uur is niet bekend…

En het Leven zelf is uiteindelijk niets anders dan een voorbereiding op de dood, het ongewisse. De dood is: de grote onbekende. Evenals het Leven, dat ook onzeker en ongewis is (ook al menen we dat we het leven in de hand hebben).

Durven we ons over te geven aan de grote onbekende: de Dood en het Leven zelf? Durven we te leven vanuit het niet-weten, vanuit vertrouwen en overgave? Overgave aan de loop der dingen, omdat wij deel zijn van het geheel, omdat wij één zijn met het Leven zelf?

Het leven (de geboorte) en de dood voltrekken zich aan ons, ook al houden we graag vast aan de overtuiging dat wij het Leven leven, dat wij als regisseur het leven uitzetten en de koers bepalen. Maar is dat zo? Hebben wij het Leven in de hand? Is er wel een ‘ik’ die een koers uitzet? Of is de richting, de koers van het Leven én het Leven zelf…, één?
En daarmee ongewis en onzeker?

Oké, maar wat is dan de zin van het bestaan?

Het Leven zelf is de zin van het bestaan. En omdat het leven geen doelen en bestemming kent dan het ervaren zelf, is het zo mooi. Hindoes noemen het leven Lila, wat ‘spel’ betekent, het leven is een spel.

Wanneer er geen doel is, geen zin, geen bestemming…, wanneer er niets bereikt hoeft te worden…, wanneer we nergens naar toe bewegen, wanneer er geen streven is, dan is er niets te doen…, helemaal niets…

Ontspan, zink steeds dieper in het bestaan, in het moment zelf, leef het Leven totaal, ervaar het Leven in zijn volheid…, zoals het zich ontvouwt…, daaruit volgt de zin (betekenis) vanzelf, dan volgt overgave aan het bestaan en vallen barrières en angsten weg.

Dat is wat ik steeds meer ervaar…, overgave aan het bestaan…

Overgave aan de stroom van het Leven… En dan neemt het Leven het steeds meer over. Dan smelt de weerstand en het verzet. Dan ontvouwt het Leven zich zonder verhaal, verwachting of verlangen. Dan valt elke zin of niet-zin rond de vraag of het Leven zin heeft gewoon weg. In resonantie met het bestaan, in de ervaring zelf, ontvouwen zich de betekenissen van de gebeurtenissen als vanzelf.

Je leeft…, dat is alles. En het volgende moment ken je niet. Je bent. Punt.

En af en toe een filosofisch onder onsje…, heerlijk toch? Dat is ook het Leven.

Life is a purposeless play, drop the future completly, only this moment exist, only this life is all. Live from moment to moment.
Osho

Toetje:
Na deze materie even wat ontspanning: een geweldige videoclip, fascinerend, echt kijken, vooral de eerste 3 minuten, de zin van het leven, een jongen van 9 jaar legt het haarfijn uit.
Let op: scrol naar beneden naar you tube symbool.

https://www.nrc.nl/nieuws/2013/03/29/kijken-de-zin-van-het-leven-deze-jongen-van-9-legt-het-haarfijn-uit-a1436009

 

 

 

Zelfonderzoek: Alles in mijn leven is ‘moeten’… en ik ben al zo moe

2azafran-puro-en-hebras-400-mg-carmencita

Zelfonderzoek: De draadjes.
Wat bedoel ik met ‘draadjes’? Soms worden we voor een situatie geplaatst en ervaren we uiteenlopende gedachten/gevoelens (de mind/het ego) van waaruit we het moeilijk vinden om een keuze te maken of om totaal open te zijn naar onszelf en naar anderen. In het laatste geval (open naar onszelf en naar anderen toe) is de neiging aanwezig om sommige draadjes (gedachten/emoties) wel te delen en andere draadjes achterwege te laten. We veroordelen bepaalde draadjes en zijn van daaruit bang dat anderen ons ook zullen afkeuren of afwijzen als wij deze draadjes met hen delen. Of we willen onze ‘lelijke’ kant niet laten zien, want dan worden ze boos of houden ze niet meer van ons. En ja, we willen de ander natuurlijk ook niet kwetsen, zeggen we dan.

Maar als we preciezer kijken, wat is er dan eigenlijk gaande? Enig idee?

Voordat je verder leest, onderzoek dan eens de vraag wat jou ervan weerhoudt om alle draadjes (emoties/gedachten) aan het licht te brengen en met een ander te delen. Draadjes die gaan over jezelf of draadjes die betrekking hebben op de ander? Kijk eens of je de vraag kan beantwoorden. Wat weerhoudt jou ervan om open te zijn naar jezelf toe en naar de ander?

Dit is het antwoord wat ik heb ontdekt: we vinden er wat van. We veroordelen de draadjes die voorbij komen in onszelf: dit mag/wil ik niet voelen of denken over mezelf, dit mag/wil ik niet voelen of denken over de ander. Alle nare, vervelende gedachten en emoties stoppen we het liefst weg (of eten we weg, of drinken we weg etc.). En het is de mind/het ego wat oordeelt en veroordeelt.

Onze essentie, het Bewustzijn, onze BoeddhaNatuur is vrij, kent geen oordelen, kan dus niet gekwetst worden of kwetsen, omdat ze IS, gelijk de zon die IS, die altijd en immer schijnt. Onze essentie is neutraal (oordeelloos) en compassievol. Liefdevol beziet onze essentie wat er aan verschijnselen (gedachten/emoties: bijvoorbeeld gekwetst voelen) op het toneel verschijnt.

Als we niets zouden plakken op deze draadjes (geen label in de zin van: ‘goede’ of ‘slechte’ draadjes), maar de draadjes bezien voor wat ze zijn, vanuit Gewaarzijn, dan bezien we onze gedachten en emoties van dat moment, zonder oordeel. We laten het licht van de zon schijnen op alle draadjes die in ons leven: angst voor afwijzing, schaamte, schuld, jaloezie, niet goed genoeg zijn, je best doen, aardig gevonden willen worden, perfectionisme, je slachtoffer voelen, verongelijkt zijn, alle overtuigingen en verwachtingen over onszelf, de ander en de wereld (we doen het altijd zo, zo hoort het, zo moet het, dit is goed, dit is fout).

De bril waarmee we naar onszelf en de ander kijken, is dus niet schoon: we plakken nog van alles op de realiteit (al die oordelen en emoties over onszelf, de ander of een situatie) waardoor we de realiteit niet zien zoals die is (puur/schoon/leeg), maar gekleurd door een filter van meningen, overtuigingen en oordelen. Dat is niet goed of slecht, maar is wel de achtergrond van ons lijden. Al die oordelen (niet goed genoeg zijn, schuld, schaamte, afwijzing etc.) en overtuigingen (ik ben niks waard, de wereld deugt niet), waar we ook nog eens in geloven, veroorzaken pijn. Juist dat geloof in wat de mind tevoorschijn tovert, is de bottleneck: we nemen ze als ‘waar’ aan: ik ben schuldig, niks waard etc.

Willen we uit de gevangenis van de mind (het lijden) ontsnappen, dan is onder andere zelfonderzoek een belangrijk instrument, een instrument wat tijdens de sessies bewustzijnscoaching regelmatig wordt ingezet. En zelfonderzoek is alleen mogelijk als we onszelf toestemming geven om alles aan het licht te brengen: zonder oordeel waarnemen wat zich allemaal in ons afspeelt. En als er oordelen zijn…(en die zijn er volop), dan is dat hetgeen we waarnemen, het gaat om het los komen van het geloof in al die oordelen, het los komen van de mind.

Veelal dwarrelen de draadjes rond een bepaalde kwestie onopgemerkt (half bewust, half onbewust) door ons systeem. We voelen ons uit evenwicht door een bepaalde gebeurtenis, maar het zicht ontbreekt. De draadjes vertegenwoordigen uiteenlopende, schijnbaar tegenstrijdige gedachten en emoties. Hoezo schijnbaar tegenstrijdig? Als we het label ‘tegenstrijdig’ ervan af halen, wat blijft er dan over? DRAADJES. Dat is alles. Wie of wat plakt daar het label ‘tegenstrijdig’ op? Precies: de mind. Als we niet aanwezig zijn (wakker zijn/gewaarzijn), dan vereenzelvigt het Bewustzijn zich totaal met de mind, waar de criticus zich bevindt, die de draadjes beoordeelt/veroordeelt van waaruit we sommige draadjes niet willen zien of met een ander willen delen.

Op enig moment ontdekte ik in mijn proces en in het werk met cliënten hoe belangrijk het is om alle draadjes (zogenaamd ‘mooie’, ‘prettige, ‘afschuwelijke’, ‘lelijke’ gedachten en emoties) in het licht te zetten door alle draadjes te belichten en te onderzoeken.
Ook al labelt de criticus de draadjes als goed of slecht, besef dat de draadjes slechts draadjes zijn, ze zijn niet waar of onwaar of tegenstrijdig: ze zijn.
Besef dat jij niet die draadjes bent (dat is niet je essentie), maar dat deze draadjes in het Bewustzijn verschijnen. Met andere woorden: verschuif de aandacht van de mind naar Gewaarzijn (onze essentie), naar de ruimte die jij bent waarin de draadjes (emoties en gedachten) verschijnen.

Oké…, na de theorie nu een voorbeeld: een tijd geleden kwam er een cliënt waarbij het onderzoeken van de draadjes centraal stond. De cliënt, ik noem haar voor de leesbaarheid Yvon, had met vriendin Tineke afgesproken om mee te doen aan een bepaalde wedstrijd, want dit doen we nu eenmaal ieder jaar (= patroon). Ze merkte op dat tijdens het maken van de afspraak er een beweging in haar lichaam gaande was, die aangaf dat ze eigenlijk geen zin had, pufff, zo moe, maar ja, de daadwerkelijke datum lag nog wat verder weg, en wie weet had ze tegen die tijd er toch wel zin in, want ja, het is lekker om buiten te zijn, en de wedstrijd vond plaats in een natuurrijke omgeving wat toch wel heel fijn was, en ze gingen ieder jaar met elkaar, dus ja…, ze had ‘ja’ gezegd.

Het viel mij op dat Tineke (haar vriendin) haar niet had gevraagd (zullen we samen weer meedoen?), maar dat Tineke er automatisch vanuit ging dat ze dit jaar ook weer samen zouden gaan (geconditioneerd patroon), en ja, Tineke had het ook niet zo makkelijk (aldus Yvon)…, dus om dan ‘nee’ te zeggen…, dat vond Yvon toch wel wat te ver gaan, want ik ben dan toch die steun voor haar om te trainen, omdat we dan samen die wedstrijd lopen, dat motiveert haar dan…, en ja, afspraak is afspraak (= overtuiging/regel/zo moet het), dan zet ik me er toch gewoon overheen (aangeleerd patroon vanuit het gezin: kom op, flink zijn, niet zeuren),  zo erg is het toch ook weer niet, dat kan je toch wel voor je vriendin over hebben, en je weet dat die wedstrijd je energie geeft en het is in de natuur, dus gewoon even de knop omzetten (aangeleerd).

Herkenbaar voor de lezer? Dit soort verhaaltjes (draadjes) die door ons heen gaan?

Ik legde de cliënt o.a. de volgende vragen voor: Mag je op een afspraak terug komen? Hoe zou het voor je zijn om af te wachten tot het moment zelf (bijvoorbeeld een dag voor de wedstrijd) om dan na te gaan hoe de vlag er intern voor staat? Hoe lijkt het je om te communiceren met Tineke wat er allemaal door je heen gaat (alle draadjes benoemen), in alle openheid? En wat is er zo erg aan als Tineke teleurgesteld reageert? Mag zij teleurgesteld zijn?

Nadat een en ander inzichtelijk werd voor Yvon besloot zij Tineke te bellen om aan te geven dat ze op dit moment geen zin had om aan deze wedstrijd mee te doen, dat ze het liefst de afspraak wilde afzeggen, omdat ze zo moe was/is, maar het nog open liet, want misschien veranderde haar stemming/energielevel wel en wilde ze uiteindelijk toch mee doen. Ze gaf ook aan dat ze bang was dat Tineke teleurgesteld zou zijn en dat ze het gevoel had dat ze geen ‘nee’ kon zeggen, omdat ze voor haar ook een steun wil zijn om te trainen, maar dat ze toch ook eerlijk moest zijn naar zichzelf toe en dat ze het heel moeilijk vond/vindt om goed voor zichzelf te zorgen.

Aanvankelijk zag Yvon er tegenop om dit gesprek met Tineke aan te gaan. Heel begrijpelijk, want het vraagt ook heel wat: doorbreken van patroon en aangeleerd gedrag (we doen deze wedstrijd ieder jaar, de ander altijd tot steun willen zijn, niet gewend zijn om open en kwetsbaar te zijn naar de ander toe) en doorbreken van een overtuiging (afspraak is afspraak). Ze wilde Tineke niet teleur stellen, want die rekent (leunt) op haar (denkt Yvon: overtuiging) en heeft haar ondersteuning ‘nodig’ (denkt Yvon: overtuiging). Zo kijkt Yvon naar haar vriendin…, dat is niet de realiteit (die is leeg/schoon)…, maar haar inkleuring van de realiteit veroorzaakt door de mind/ego. Het is een plaatje wat Yvon op Tineke plakt: zij heeft mij nodig.

Tot Yvon ontdekt dat zij zelf die ondersteuning heeft gemist in haar verleden en die pijn (niemand die tot steun is) overhevelt op haar vriendin. Zij wil niet dat haar vriendin overkomt wat haar is overkomen: dat ze het allemaal alleen moest uitzoeken. Dat is de onbewuste overtuiging die haar gedrag (zorgen voor haar vriendin) bepaalt zonder dat ze dat zelf in de gaten heeft (blinde vlek). En de onbewuste overtuiging (pijn) zorgt ervoor dat zij niet in alle openheid haar beleving kon delen met Tineke.

Het daarop volgende consult vroeg ik naar de uitwisseling met Tineke. De cliënt gaf aan dat Tineke positief had gereageerd, dus niet overeenkomstig de film van Yvon (dat ze haar steun nodig had, dat ze teleurgesteld zou zijn). Vervolgens vroeg ik hoe de vlag er daadwerkelijk voor stond enkele dagen voorafgaand aan de wedstrijd en welke beslissing ze uiteindelijk had genomen?

Ze gaf aan dat de volgende draadjes door haar heen waren gegaan: Zal ik toch afzeggen…, ik heb er eigenlijk geen zin in…, pufff, ik word al moe bij de gedachte, maar ja, het is wel lekker buiten, in de natuur, ik krijg er energie van en Tineke waardeert het zo, en als ik eenmaal bezig ben, gaat het wel weer etc.

Wat denk je dat ze heeft besloten?

Ze besloot toch te gaan hard lopen. Ik vroeg Yvon of ze weleens gehoor gaf aan een ander belangrijk draadje wat ze meerdere malen had genoemd: dat ze geen zin had…, dat ze moe was/is. Waarop Yvon zei: Nee, ik ga altijd door, ik zet me eigenlijk altijd over dat gevoel van ‘geen zin hebben’ heen.

Vervolgens stelde ik de volgende vraag: En hoe zou het zijn om eens gehoor te geven aan die eerste stem, die aangaf dat je er eigenlijk geen zin in hebt, dat je moe bent? Waarop Yvon zei: Als ik daaraan toegeef, dan ben ik eigenlijk bang dat ik diep weg zak, dat ik de grip op mezelf verlies, dat ik helemaal tot niks meer kom, dat ik depressief word…

Mijn antwoord: Interessant…, en is dat waar? Hoe weet je dat? Heb je het wel eens uit geprobeerd? Nee, zei Yvon.

Hoe zou het voor je zijn om dit experiment eens aan te gaan? Om eens gehoor te geven aan de stem die zegt: Ik heb eigenlijk geen zin…, pufff…, ik ben moe.
En zou het je ook wat kunnen brengen/geven als je aan die stem gehoor zou geven?
Yvon: Ja, rust…, ontspanning…, waar ik eigenlijk diep naar verlang…, alles in mijn leven is ‘werk’, is ‘moeten’ en ik loop altijd vooruit op wat er nog allemaal moet gebeuren, gedaan moet worden, ik kan gewoon niet stil zitten op de bank.

Yvon is het experiment aan gegaan. We zijn een tijd samen op gelopen. Na een x-aantal sessies geeft ze aan wat een verademing het is dat het eeuwige moeten en zorgen voor anderen (in plaats van voor haarzelf) uit haar systeem is. Ze herkent nu de innerlijke stem (in plaats van de stem van ouders/maatschappij), ze handelt er nog niet altijd naar, maar ervaart het als een geschenk dat ze ziet van waaruit ze beweegt, dat er Bewustzijn is, want zonder bewustzijn (gewaarzijn) wordt je gewoon geleefd door je patronen en overtuigingen. Ze is blij dat ze heeft geleerd om zich uit te spreken en kwetsbaar te tonen naar anderen toe en ervaart het als een zegen dat zoveel aangeleerde patronen en overtuigingen verdampen. Ze bedankt me voor de transformatie die heeft plaats gevonden, ze zegt: ‘Als ik niet bij jou was gekomen, dan zat ik nu in de ziektewet met een burn-out…, ik heb zoveel geleerd, gevoeld en ontdekt door onze uitwisselingen en de ‘huiswerkopdrachten’ die ik mee kreeg, ik ben je enorm dankbaar.’

En ik ben Yvon dankbaar, dat ze mij het vertrouwen heeft gegeven en dat we samen deze reis hebben mogen maken.  Er is niets zo vervullend dan ‘open’ gaan… en thuis komen bij je-Zelf.

Wat is de sleutel tot geluk?

geluk-toon-hermansce8068c3e25fea03fa107c202b544f23

(een gedicht van Toon Hermans)

Wat is geluk?

En is er een sleutel tot geluk? Zo ja, wat is de sleutel?

Bestaat er zoiets als permanent geluk of is geluk gewoon slechts tijdelijk van aard: het komt en het gaat.

Is geluk maakbaar? Kan je ‘geluk’ of ‘gelukkig zijn’ doen of creëren?
Vraagt ‘geluk’ inzet van onze kant, omdat het er niet op voorhand is, maar alleen door inspanning te verkrijgen is?

Of is ‘geluk’ iets wat je toevalt?

Wat betekent het woord ‘geluk’ of ‘gelukkig zijn’ voor jou? Neem daar eens de tijd voor… Keer naar binnen en vraag je eens in alle rust af wat ‘geluk’ betekent voor jou, in je dagelijkse bestaan.

Zit geluk in de kleine dingen: een zonsondergang, een roos, een blik, een glimlach? Dus in iets buiten ons? Of in een staat van Zijn die glans geeft aan alles wat is?

En wat doen we met ‘ongeluk’ of ‘ongelukkig zijn’? De tegenpool van ‘geluk’.
Geluk kan alleen bestaan bij de gratie van haar tegenpool: ‘lijden’ of ‘ongelukkig zijn’. Mogen we ook nog ‘ongelukkig zijn’ in de ratrace naar ‘geluk’?

Is geluk wel mogelijk als we ons realiseren dat elk ‘geluk’ het zaad in zich draagt van ‘ongeluk’, omdat het tijdelijk is: geluk komt en gaat, vandaag heb je een geweldige dag en morgen is het voorbij.

En elk ‘ongeluk’ draagt het zaad in zich van ‘geluk’: na regen komt zonneschijn.

Zou het streven naar geluk samenhangen met het gegeven dat we ons zo vaak ongelukkig voelen?

Zou het zo kunnen zijn dat het verlangen naar ‘geluk’ (vul maar in: een partner, de juiste baan, een kind, vrede in de wereld, erkenning, waardering, harmonie, verlichting) juist de oorzaak is van ons lijden?

Zou het zo kunnen zijn dat deze zelfde verlangens er zorg voor dragen dat we ons ongelukkig voelen in het hier en nu, omdat onze aandacht elders is, gericht op het realiseren van een verlangen, ergens in de toekomst? Omdat we menen dat het leven zoals het is niet vervullend is, niet voldoet…

Niet voldoet waaraan?
Aan het beeld wat de mind creëert over de realiteit: hoe het zou moeten zijn.
Herkenbaar? Het moet altijd anders zijn dan het is. We kennen geen volmondig ‘ja’.
‘Ja’ in de zin dat het leven goed is zoals het is, met alles erop en eraan.

We ‘leven’ vanuit een ‘nee’. Omdat we menen dat er iets niet deugt aan ons, aan de ander, aan de wereld, aan de omstandigheden zoals ze zijn: het moet anders…

Ben jij ‘gelukkig’? Stop even voordat je verder leest.
Wat is jouw antwoord op deze vraag: ‘Ben jij ‘gelukkig’?

Waar zeg jij nog ‘nee’ tegen? Wat voldoet niet in jouw beleving?

Kan het ‘ik’ wel gelukkig zijn? Het ‘ik’ dat streeft naar…, het ‘ik’ dat dit niet wil, maar dat (iets anders) wil, het ‘ik’ dat afkeurt en goed keurt, het ‘ik’ dat zoveel voorwaarden stelt aan het leven zelf, het ‘ik’ dat zoveel meningen heeft en oordelen kent?

Als gelukkig zijn niet mogelijk is voor het ‘ik’,  bestaat er dan wel zoiets als permanent geluk? Of is dat een sprookje?

De enige weg die ik ken naar waarachtig geluk is ‘ontwaken’. Thuis zijn in het Zelf. Los komen van alle eisen die we aan het leven (onszelf, de ander, de wereld) stellen. Het leven Leven zoals het komt en gaat, zonder daar iets van te vinden. In het hart, uit het hoofd. Loskomen van identificatie met de ideeënwereld (het moet anders zijn dan het is). Los komen van emoties, die komen en gaan, die er mogen zijn, maar totaal anders worden ervaren wanneer je thuis bent in het Zelf, in Gewaarzijn.

En dan luister ik naar de woorden van Osho:

‘Life moves from perfection to perfection. Not from imperfection to perfection. No, life moves from perfection to perfection.’

Er hoeft niets verbeterd of veranderd te worden: all is well. Juist al die inspanningen dat het anders moet zijn dan het is, is de oorzaak van ‘lijden’.
Ontwaken gaat over geluk dat niet komt en gaat, dat permanent is. Noem het Puur Gewaarzijn, Bewustzijn, Liefde, Licht, de Boeddhanatuur. Dan ben je thuis, thuis in het Zelf dat licht en donker overstijgt, het Zelf dat geen polariteiten (geluk/ongeluk) kent, geen voorwaarden stelt. Het Zelf dat neutraal is, vol liefde. Het Zelf dat geen eisen stelt aan het bestaan.

Wil dat dan zeggen dat er geen emoties of beleving meer is van verdriet of pijn?
Emoties verschijnen en er kan pijn zijn. En dat is het dan: er is een emotie of er is pijn. Als jij er niets van vindt, dan is er wat er is. Punt. Maar op het moment dat er identificatie plaats vindt met de emotie of de gedachte, dan komt er lading bij, dan ben je een gevangene van de mind, je gelooft de gedachte (ik ben niks waard), je meent dat de gedachte of emotie (gevoel van afwijzing) echt ‘waar’ is, je bent ervan overtuigd dat jou iets wordt aangedaan door een ander of door bepaalde omstandigheden (je wordt ontslagen), je maakt het persoonlijk (ik ben niet goed genoeg), er ontstaat een ‘verhaal’…, ja…, dan is er sprake van ‘lijden’. Naarmate Gewaarzijn zich verdiept, lost identificatie op, wat niet wil zeggen dat je zo nu en dan nog gevangen kan raken, dat overkomt mij ook, maar de identificatie is oppervlakkig en van korte duur.
En ja…, thuis komen bij het Zelf is een geschenk, dan is het leven vervullend en rijst er een diep gevoel van dankbaarheid op uit het hart…, voor alles wat is…, zoals het is.

PS ik lig op de massagetafel en luister naar mantra’s. Er verschijnt een gedachte: je hebt zojuist een blog geschreven over ‘geluk’, maar hoe zie je dan de dood van je dochter wat afgelopen zomer plaats vond? Dat is toch ‘lijden’? Dat is toch een groot verlies? Dat is toch afschuwelijk? Ja, dat is een groot verlies. Zeker… En ja, er waren tranen en momenten van gemis…
En dan waait Lao Tse (een filosoof uit de 6e eeuw voor Christus) door me heen: ‘Ga niet zo ver om te zeggen dat de dood van je dochter ongeluk (lijden) brengt. Het enige wat je kan zeggen, is dat ze dood is. Dat is een feit. Of het ongeluk brengt of een zegening is, weet je niet, omdat dit slechts één fragment van de werkelijkheid is. Wie weet wat er verder nog volgt?’

Ja, dat weet ik niet. En hoef ik ook niet te weten. Ik kan wel delen wat ik nu, een half jaar na haar overlijden, ervaar: totale neutraliteit betreffende haar dood, een neutraliteit die liefdevol is, een neutraliteit die hechting (gemis) overstijgt. Zo nu en dan waait Simone door me heen, een warme golf, er is een hartverbinding, een verbinding die dood en leven overstijgt. Natuurlijk is het jammer dat ze er niet meer is, we hadden een diepe connectie, ze is er niet meer in aardse vorm, echt jammer. En het is wat het is: ze is dood. En dat is het dan.
Wat ik ook weet, is dat Lao Tse spreekt vanuit de Bron, de Bron van Liefde die neutraal is, de Bron die geen oordelen kent. Of de dood van onze dochter een zegening of een vloek is? Wie zal het zeggen? Een ieder zal geneigd zijn om te zeggen dat het een vloek is. Maar wat als je thuis bent in de Bron? In het Zelf waar geen enkele vorm van polariteit (ongeluk/geluk) aanwezig is, omdat het neutraal is. Niet neutraal in de zin van ‘doods’, maar neutraal in de zin van een onvoorwaardelijk ‘ja’. Is er dan nog sprake van een zegening of van een vloek?

Ontdek het, mediteer, zoek een levende meester die je kan leiden, die je structuur doorziet, die aan je grondvesten rammelt. Het vraagt heel wat om te ontdooien, om de structuur (het ego/de mind/conditionering/overtuigingen/geloof/hechting/zekerheid/veiligheid) te ontmantelen. Het omzettingsproces naar Licht, door alle lagen heen (fysieke, emotionele,mentale laag) is een enorme transformatie. Jaren van moeheid (en soms nog), uiteenlopende fysieke klachten, het onder ogen komen van de zwarte zwaan in mij (wat ik als een pijnlijk proces ervoer, omdat ik er nog wat van vond), het is niet gering wat het van je vraagt, maar meer dan wat dan ook in het leven – het waard. Meditatie en zelfonderzoek én een levende meester zijn voor mij de sleutels tot ‘geluk’.

Wordt wakker, ontwaak.
Dat is het pad naar waar geluk.

‘Life moves from perfection to perfection. Not from imperfection to perfection. No, life moves from perfection to perfection.’

 

www.bewustzijnscoaching.com
Facebook: Caroline Ootes, Ontwaken, Bewustzijnscoaching