Gaan waar de wind je heen voert…, niet mijn wil geschiedt, maar Uw wil.

Een dagdeel in de week verricht ik vrijwilligerswerk. Ik ondersteun op frequente basis, samen met een andere vrijwilliger, een trainer in zijn werk.
Afgelopen week zei de trainer tegen mij dat hij meerdere vrijwilligers had gevraagd om een collega van hem op een andere locatie te ondersteunen. Zijn collega heeft nog geen vrijwilligers, die haar ondersteunen bij haar werk. De trainer laat mij weten dat de vrijwilligers tot nu toe allemaal afwijzend hebben gereageerd op zijn vraag. Vervolgens vraagt hij aan mij of ik zijn collega zou willen bijstaan. Mijn eerste impulsieve reactie is: ‘Nee, ik heb het hier naar mijn zin met de andere vrijwilligers, en met één in het bijzonder (we hebben veel plezier samen), en ik ben ook pas net weer begonnen na een periode van afwezigheid.’

De volgende dag ontvang ik een mail van de trainer:
Ha Caroline,
Ik begrijp wel dat je het fijn vindt om samen te werken met X. Maar mag ik je toch uitnodigen om a.s. vrijdag in elk geval één keertje mijn collega te  helpen bij haar werkzaamheden? Gewoon vrijblijvend voor één keer, dan kunnen jullie eens kennismaken. Iets (intuïtie?) zegt mij dat het goed tussen jullie zal klikken.
Hartelijke groet, Y

Tja, wat doe je in zo’n situatie?
Waar laat je je door leiden?
Laat je je leiden door je eigen behoefte, je persoonlijke wil: ik heb het naar mijn zin, fijne samenwerking met collega(‘s) en ik draag een steentje bij aan het ondersteunen van de bijeenkomst. Of laat je je leiden door het bestaan zelf, door de stroom die het bestaan op dat moment aanneemt in de vorm van een vraag die de trainer mij voorlegt? Beweeg je mee met waar de wind je heen voert of geef je gehoor aan persoonlijke verlangens, verwachtingen en behoeften? Alles is mogelijk…, niets is goed of fout. Zie van waaruit je beweegt, dat is waar het om gaat.

Ik beluisterde laatst een prachtige satsang van Adyashanti: Beyond the Personal Will (te vinden op www.adyashanti.org) en las zijn boek ‘Jezus, de mysticus’, een boek waarin Adyashanti laat zien hoe belangrijke gebeurtenissen in het leven van Jezus parallel lopen met de verschillende fasen van spiritueel ontwaken.

Adyashanti geeft in de satsang aan dat na ontwaken er nog jaren volgen waarbij de persoonlijke wil langzaamaan uitdooft…, geleidelijk aan meer en meer uitdooft…, totdat er niets meer van overblijft en volledige realisatie zich voltrekt. Hij geeft ook aan dat dit uitdoven van de persoonlijke wil (het ego) over het algemeen jaren in beslag neemt…, zo sterk is de kracht van de persoonlijke wil en de illusie een afgescheiden ik (identiteit) te zijn.

Een verduidelijkend citaat uit zijn boek (Jezus, de mysticus) over ontwaken zelf (pagina 235) is: ‘We stijgen boven de identificatie met het ego en de geest uit, we beseffen onze ware natuur van goddelijk zijn. Maar wanneer je iets overstijgt, wil dit niet zeggen dat wat je overstegen hebt ergens heen gaat. En zo komen we in de tijd van beproevingen, wanneer het leven ons (…) situaties geeft die ons helpen (…) te gaan belichamen wat we gerealiseerd hebben. Als we door de vele beproevingen heen zijn gegaan die ons leren om geest (Goddelijk zijn) te belichamen – en dit stadium duurt vaak enkele jaren – komen we tot een diep en intens gevoel van rust, van welbehagen, van welzijn.’

En dat is waar ik me bevind: in de jaren van beproevingen en het uitdoven van de persoonlijke wil. Een zeer grote beproeving voltrok zich afgelopen zomer toen geheel onverwacht onze dochter op 28-jarige leeftijd overleed. Daar schrijf ik op een ander moment over. Een zeer geringe ‘beproeving’, ik zou het eerder een ‘testje’ noemen, is de vraag die de trainer aan mij voorlegde.

Ik schreef een email aan de collega vrijwilliger waar ik met veel plezier mee samen werk. Een gedeelte van die mail geef ik hieronder weer:
Tja…, reuze jammer dat wij elkaar dan niet meer op frequente basis zien…, maar ik kan er ook naar kijken vanuit het perspectief dat het bestaan deze stroom op gang brengt (dit expliciete verzoek van de trainer), naast het gegeven dat wij natuurlijk zo nu en dan eens een kopje koffie kunnen drinken na onze bijeenkomsten die op dezelfde tijd plaats vindt, alleen op een andere locatie…, en ik wil ook graag een bijdrage leveren daar waar ik nodig ben…, vanuit het hart…, wat voorbij persoonlijke belangen/behoefte gaat… Nou, X, ik had niet verwacht dat het zo zou lopen…, over verwachtingen gesproken… waar mijn vorige blog over ging…, maar ben innerlijk soepel genoeg om mee te bewegen met de stroom van het leven… Dus… ik ga komende week een keer meelopen…, welke kant het opgaat…, geen idee…, maar ik hou je op de hoogte.
Liefs,
Caroline

En dan is het zover. Ik loop een dagdeel mee met de andere trainer op een andere locatie. En opnieuw doen zich enkele kleine uitdagingen voor: het is aanvankelijk steenkoud in de ruimte (de airco kon niet uit) en de ramen zijn bedekt met stevige vitrage zodat er geen afleiding voor de deelnemers plaats kan vinden, er is dus geen contact met buiten (met de natuur) en de verlichting van de ruimte laat te wensen over. Met andere woorden: ik ga er qua ruimte en sfeer duidelijk niet op vooruit.
Oké, zeg ik tegen mezelf: zo is het dan. De volgende keer kleed ik mij erop…, dit is waar het bestaan mij brengt. Ik verleen die middag de ondersteuning voor de trainer en voel duidelijk aan dat het verzoek om een keer mee te lopen niet uit de lucht komt vallen: ik ben hier nodig en wil er graag voor haar zijn. De volgende dag mail ik de trainer, die mij had gevraagd om zijn collega te ondersteunen, dat ik in het vervolg zijn collega zal bijstaan.

En zo gaat het dan…, als je je niet meer laat leiden door je persoonlijke wil, maar door het hart, door het bestaan zelf…
Zo gaat het dan…, als je het roer vrijwillig uit handen geeft: dan ga je waar de wind je heen voert… Sinds enige tijd is er nagenoeg geen weerstand meer, geen verzet meer wanneer het leven mij uitnodigt om mee te bewegen met de stroom van het Leven zelf.
Ja, ik merk de staartjes van de persoonlijke wil op en ook de neiging om te hechten (ik heb het naar mijn zin/veel plezier met een andere vrijwilliger), maar er is niet veel nodig om los te laten. De sleutel is het hart: het hart is open en wordt geraakt wanneer de trainer mij wederom vraagt om een keer mee te lopen met zijn collega en dat maakt de beweging als vanzelf mogelijk.

In alle andere gevallen (als het hart niet open is) komt de ‘keuze’ om al dan niet mee te bewegen voort uit ons hoofd of uit de persoonlijke wil (ik heb het naar mijn zin, ze zoeken maar een andere vrijwilliger). Of we bewegen mee, omdat religieuze stromingen beoefening prediken van bepaalde deugden zoals dienstbaarheid, menslievendheid, gelijkmoedigheid. Dan komt de beweging ook niet voort uit het hart, maar uit het hoofd, het ego: ik moet goed doen, ik ga onvoorwaardelijke vriendelijkheid beoefenen (alsof die te beoefenen valt…). Of we zeggen ‘ja’, omdat we geen ‘nee’ kunnen zeggen, omdat we aardig gevonden willen worden. Ook dan komt de beweging niet uit het hart, maar uit een aangeleerd programma uit onze jeugd. Met andere woorden: de persoonlijke wil blijft intact. Het is dus niet mogelijk om een project te maken van het ontmantelen van de persoonlijke wil, omdat de drijfveer van waaruit je dan beweegt de persoonlijke wil zelf is (ik ga nu de slavendrijver in mij, de persoonlijke wil met al haar verlangens en behoeften afbreken). Wie is de ‘ik’ die dit van plan is?
De enige weg die ik zie, is het openen van het hart. En dat is waar bewustzijnscoaching over gaat en voor bedoeld is: de transformatie van hoofd naar hart.

Niet mijn wil geschiedt, maar Uw wil…, de wil van het Leven zelf, voorbij het ego, voorbij het denkbeeldige ‘ik’ die meent het leven te kunnen besturen (persoonlijke wilskracht).

www.bewustzijnscoaching.com
Facebook: Caroline Ootes, Ontwaken, Bewustzijnscoaching