Jaren geleden las ik een kort verhaal van Richard Bach dat mij is bijgebleven.
Op de bodem van een heldere rivier leefde een dorp vol kleine wezens. Vanaf hun geboorte hadden zij geleerd zich stevig vast te klampen aan takken en stenen op de rivierbodem. Dat was de enige manier om te overleven, zo geloofden zij.
Op een dag zei één van de wezens: “Ik ben het moe om mij steeds vast te klampen. Ik vertrouw erop dat de rivier weet waarheen zij stroomt.” De anderen verklaarden hem voor gek. “Laat niet los,” waarschuwden zij. “De rivier zal je meesleuren en te pletter slaan tegen de rotsen.” Toch liet hij los. Eerst werd hij inderdaad meegesleurd door de stroom en botste hij tegen stenen en rotsen. Maar omdat hij zich niet opnieuw vastgreep, gebeurde er iets onverwachts. Langzaam begon de rivier hem te dragen. Toen de wezens verder stroomafwaarts hem voorbij zagen drijven, riepen zij: “Kijk! Een wonder! De verlosser is gekomen!” Maar hij antwoordde: “Ik ben geen verlosser. De rivier draagt ons allemaal. We hoeven alleen maar los te laten.”
Dat verhaal is nog altijd actueel. Het leven brengt ons steeds weer in situaties waarin zichtbaar wordt waaraan we ons nog hechten, wat we graag willen vasthouden of proberen te controleren.
Onlangs vertelde onze dochter dat zij samen met haar partner en de kinderen waarschijnlijk gaan verhuizen. Terwijl ik luisterde, voelde ik direct dat het mij raakte. Ik zag de kleinkinderen voor me. De vanzelfsprekende bezoekjes. Het even langsgaan. Ze zien opgroeien, dichtbij. Er was verdriet. Niet groot of dramatisch. Gewoon verdriet. Twee dagen lang kwamen er af en toe tranen. Het gebeurde, zonder verzet. Het was er gewoon, zonder verhalen eromheen.
Op de derde dag werd ik wakker. Het eerste wat mij opviel, was de rust. Het verdriet was verdwenen. De verhuisplannen zijn er nog steeds, maar er was geen verdriet meer. Er was niets opgelost en toch was er iets veranderd.
Het enige wat had plaatsgevonden, was het volledig aanwezig zijn bij wat er was: verdriet. Dat blijft mij verwonderen. Meer leek er niet nodig te zijn.
Loslaten blijkt geen daad van de wil te zijn. Het gebeurt soms vanzelf, wanneer we niets meer hoeven weg te duwen of vast te houden. Kinderen worden groot. Mensen verhuizen. Relaties veranderen. Lichamen verouderen. Het leven blijft bewegen, ook wanneer iets in ons graag wil dat alles blijft zoals het was.
Misschien begint er iets te ontspannen wanneer we ophouden ons daartegen te verzetten. Wanneer verdriet verdriet mag zijn. Wanneer gemis gemis mag zijn. Wanneer liefde niet langer probeert vast te houden aan de vorm waarin zij zich tot nu toe liet zien. Juist door volledig aanwezig te zijn bij wat zich aandient, ontstaat soms vanzelf de ruimte waarin hechting haar greep verliest. Dan gebeurt er soms iets eenvoudigs. Zonder dat wij het doen. Zonder dat wij weten hoe.
De rivier weet de weg.
Facebook: Caroline Ootes Ontwaken Bewustzijnscoaching
LinkedIn: Caroline Ootes